Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat X niet heeft doen blijken dat de navorderingsaanslag te hoog is. Het hof vernietigt wel de vergrijpboete. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat X willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat het niet aangeven van de opbrengst uit hennepteelt tot gevolg zou kunnen hebben dat te weinig belasting wordt geheven.

Belanghebbende, X, organiseert bedrijfsmatig feesten en concerten. Hij  ontvangt naar aanleiding van twee boekenonderzoeken een informatiebeschikking omdat hij niet voldoet aan de administratievoorschriften.  Tegen deze informatiebeschikking wendt X geen rechtsmiddel aan. Bij invallen in een door X verhuurde woning treft de politie hennepkwekerijen aan. De inspecteur corrigeert  het inkomen van X over vijf jaren met inkomen uit hennepteelt /hennephandel.

Hof 's-Hertogenbosch acht aannemelijk dat X in de desbetreffende vijf jaren betrokken is geweest bij hennepteelt. Omdat X geen bezwaar heeft gemaakt  tegen de informatiebeschikking, is deze onherroepelijk geworden met als gevolg dat de bewijsrechtelijke sanctie van omkering en verzwaring van de bewijslast intreedt. Het hof oordeelt dat X niet heeft doen blijken dat de navorderingsaanslag te hoog is. Anders dan de rechtbank is het hof van oordeel dat de inspecteur een redelijke, beargumenteerde en inzichtelijke schatting ten grondslag heeft gelegd aan de navorderingsaanslag voor zover deze betrekking heeft op de inkomsten uit hennepteelt. Het hof vernietigt wel de  boetebeschikking. De inspecteur heeft alleen vastgesteld dat voor de hennepactiviteiten geen administratie is bijgehouden en dat de daarmee behaalde inkomsten niet zijn aangegeven. De inspecteur  heeft echter niet de feiten of omstandigheden gesteld, die het verwijt kunnen schragen dat X willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat het niet aangeven van de opbrengst uit hennepteelt tot gevolg zou kunnen hebben dat te weinig belasting wordt geheven en dat X zich daarvan bewust is geweest, aldus het hof. Voor een vergrijpboete wegens voorwaardelijk opzet is dan geen plaats. De inspecteur heeft niet gesteld dat X, subsidiair, het verwijt grove schuld is te maken, zodat de vergrijpboete volgens het hof ten onrechte is opgelegd.  

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 3.90

Algemene wet inzake rijksbelastingen 67e

Algemene wet inzake rijksbelastingen 52a

Algemene wet inzake rijksbelastingen 52

Algemene wet inzake rijksbelastingen 27e

Algemene wet inzake rijksbelastingen 16

Editie: 29 juli

Instantie: Hof 's-Hertogenbosch

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht, Inkomstenbelasting

Informatiesoort: VN Vandaag

  12
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen