In het eerste halfjaar van 2019 zijn er 140.800 gebruikte voertuigen geïmporteerd tegenover 136.700 gebruikte voertuigen over dezelfde periode in 2018. Dat antwoordt de Staatssecretaris van Financiën naar aanleiding van Kamervragen van de leden Dijkstra en Lodders (beiden VVD) in het kader van bpm-fraude bij parallelimport.

De mogelijke oplossingsrichtingen voor bpm-fraude bij parallelimport worden in het najaar van 2019 aan de Kamer voorgelegd. Thans vinden er 1000 fysieke controles per halfjaar plaats door Domein Roerende Zaken naast de kantoortoetsen en boekenonderzoeken. De fysieke controles hebben veelal betrekking op aangiften aan de hand van taxatierapporten (schadeauto’s).

Bij de behandeling van de aangiften BPM vindt op basis van risicoselectie een zogenaamde uitworp van aangiften plaats. Of de uitworp behandeld wordt, is afhankelijk van verschillende factoren. Indien er een onjuiste aangifte is gedaan, wordt er een naheffingsaanslag opgelegd. Hoeveel naheffingen er zijn opgelegd en wat de omvang van deze naheffing is, is niet te zeggen. Er wordt gewerkt aan het inzichtelijk maken van dit soort informatie.

Wat betreft het onderzoek naar de werkwijze van no-cure-no-pay bedrijven is besloten om dit onderzoek aan te vragen bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het Ministerie Justitie en Veiligheid. Het onderzoek zal nog in 2019 van start gaan.

[Nieuwsbron]

Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen

Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën

Editie: 6 september

Informatiesoort: VN Vandaag

  231
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen