Op 13 januari 2026 is nummer 3 van Vakstudie Nieuws verschenen. In deze aflevering zijn de volgende belangrijke zaken opgenomen:
- KG-standpunt over investeringstijdstip bij opschortende of ontbindende voorwaarde
De Kennisgroep winstfaciliteiten en firmaproblematiek heeft een standpunt gepubliceerd over het investeringstijdstip bij verplichtingen met een opschortende of ontbindende voorwaarde, waarbij sprake is van samenloop met de aanvraag van een aanschafsubsidie bij de RVO. Aan de hand van verschillende casusposities wordt verduidelijkt wanneer de milieu-investering tijdig is gemeld. Het standpunt is afgestemd met de RVO. (punt 6) - KG-standpunt over afdekkingsinstrument valutarisico bij waarde deelneming van nihil
De Kennisgroep deelnemingsvrijstelling heeft een standpunt gepubliceerd over het afgeven van een beschikking op grond van art. 13 lid 7 Wet VPB 1969 voor een afdekkingsinstrument voor een deelneming waarvan de waarde niet meer bedraagt dan nihil. In casu kan geen positieve beschikking worden afgegeven. Het resultaat op het afdekkingsinstrument is geen voordeel uit hoofde van de deelneming. (punt 7) - Side-by-side-pakket voor wereldwijde minimumbelastingregelingen goedgekeurd
De OESO heeft het side-by-side-pakket gepubliceerd voor een gecoördineerde uitvoering van wereldwijde minimumbelastingregelingen in een gedigitaliseerde en geglobaliseerde economie. Het side-by-side-pakket is door meer dan 145 landen en rechtsgebieden die samenwerken binnen het OECD/G20 Inclusive Framework voor Base Erosion and Profit Shifting (BEPS) op belangrijke elementen goedgekeurd. (punt 8) - KG-standpunt: inhoudingsvrijstelling van toepassing op uitkering aan buitenlandse CV
Een Nederlandse BV kan volgens de Kennisgroep dividendbelasting en bronbelasting de inhoudingsvrijstelling toepassen op dividenduitkeringen aan de buitenlandse CV die haar aandelen houdt, omdat er geen sprake is van misbruik. (punt 9) - Vereenvoudigingsmaatregel voor driehoekstransacties ook toepasbaar bij vierde schakel in keten
Het Gerecht oordeelt dat het voor de vervulling van de voorwaarde van art. 141 sub c BTW-richtlijn niet van belang is dat de schakels voorafgaand aan de eindafnemer de fysieke beschikkingsmacht over de goederen hebben. (punt 11) - A-G Van Kempen: geen pleitbaar standpunt voor BTW-fraudeur
A-G Van Kempen is van mening in deze fiscale strafzaak dat verdachte X geen pleitbaar standpunt heeft. Het is vaste jurisprudentie dat iemand die zich schuldig maakt aan fraude of misbruik geen beroep kan doen op het EU-recht. (punt 16)
Producten: Inhoudsopgave V-N
4