X is een uit Iran gevluchte studente, die geheel 2020 in Nederland verblijft. Vanaf juni 2020 verricht zij betaalde arbeid en sluit ze een zorgverzekering af. In geschil is of de inspecteur haar aftrek zorgkosten te laag heeft vastgesteld, waarvan na bezwaar € 1915 is geaccepteerd en of de aftrek scholingsuitgaven terecht is geweigerd.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de zorgkosten die X heeft gemaakt voordat zij de zorgverzekering had afgesloten niet aftrekbaar zijn. X maakt niet aannemelijk dat in haar geval tot juni 2020 geen sprake is van een ingevolge de Zvw verplicht te verzekeren risico. De aftrek specifieke zorgkosten wordt op andere gronden verhoogd tot € 2077. De kosten voor de taalcursussen Frans en Nederlands komen niet voor aftrek in aanmerking, aldus de rechtbank. De cursussen zijn met name gevolgd voor haar persoonlijke ontwikkeling en zijn dus niet aftrekbaar als scholingsuitgaven. Wegens het overschrijden van de redelijke termijn krijgt X een immateriële schadevergoeding van € 1500.
Wetingang:
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 6.17
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 6.18
Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 artikel 11
Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 artikel 20
Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rubriek: Inkomstenbelasting, Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 5 maart
Informatiesoort: VN Vandaag