Naar aanleiding van een boekenonderzoek legt de inspecteur een BTW-naheffingsaanslag op aan X. Volgens de inspecteur heeft X namelijk geen recht op teruggaat, omdat in de aangiften geen omzet is aangegeven. X is van mening dat de BTW wel aftrekbaar is. Hij beroept zich daarbij op afspraken die hij 35 jaar geleden zou hebben gemaakt.
Rechtbank Den Haag oordeelt dat de BTW- naheffingsaanslag terecht en naar het juiste bedrag is opgelegd. Het beroep van X op het vertrouwensbeginsel slaagt niet. Het enkele volgen van eerdere aangiften schept geen rechtens te beschermen vertrouwen; extra omstandigheden ontbreken en gestelde oude afspraken zijn niet aannemelijk gemaakt. Het gelijk is aan de inspecteur.
Wetingang:
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 20
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 67C
Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst
Instantie: Rechtbank Den Haag
Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 27 januari
Informatiesoort: VN Vandaag