De besluitvorming om al dan niet een nationale handling fee in te voeren wordt tot nader order uitgesteld. Dat schrijft Staatssecretaris Heijnen van Financiën in de stand-van-zakenbrief besluit nationale handelingskostenvergoeding e-commerce.

Dat schrijft Staatssecretaris Heijnen van Financiën in de stand-van-zakenbrief besluit nationale handelingskostenvergoeding e-commerce. Uit de Kamerbrief blijkt dat de handling fee wordt uitgesteld, omdat:

  • de staatssecretaris het advies van de Raad van State over de wijziging van het Algemeen douanebesluit in verband met de invoering van een handling fee wil bestuderen; en

  • de versnelde afschaffing van de Europese vrijstelling van invoerrechten voor goederen tot en met € 150 (deminimisregeling) en de tijdelijke en pragmatische invoering van een vast tarief van € 3 per productgroep per 1 juli 2026 een vergelijkbaar effect heeft als de invoering van een handling fee.

Wanneer andere lidstaten alsnog een nationale handling fee invoeren, leidt dit tot een waterbedeffect als Nederland geen handling fee invoert. De staatssecretaris zal daarom de situatie rondom de stroom van e-commerce en het mogelijk ontstaan van een waterbedeffect bij invoering van handelingskostenvergoedingen in omringende landen blijven monitoren.

[Nieuwsbron] [Nieuwsbron]

Rubriek: Europees belastingrecht, Douane

Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën

Editie: 15 januari

Informatiesoort: VN Vandaag

19

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen