Hof Den Haag oordeelt dat het bezwaar van X tegen de beslissing tot verrekening terecht niet-ontvankelijk is verklaard. Deze beslissing is niet als voor bezwaar vatbaar aangemerkt.

X ontvangt in 2015 een negatieve voorlopige aanslag IB/PVV 2013 met een te ontvangen bedrag van € 10.235. Vervolgens laat de inspecteur weten dat dit bedrag wordt verrekend met drie ambtshalve naheffingsaanslagen omzetbelasting over het vierde kwartaal van 2013 en de eerste twee kwartalen van 2014. De inspecteur verklaart het bezwaar van X kennelijk niet ontvankelijk. Rechtbank Den Haag verklaart het beroep van X ongegrond en stelt dat een beslissing over het al dan niet verrekenen van uit te betalen en te innen bedragen niet voor bezwaar vatbaar is.

Hof Den Haag oordeelt dat de rechtbank het beroep terecht ongegrond heeft verklaard. Een beslissing tot verrekening op grond van art. 24 IW 1990 is geen voor bezwaar vatbare beslissing. X brengt geen nieuwe feiten of omstandigheden aan die tot een ander oordeel leiden. Het hoger beroep is ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Invorderingswet 1990 artikel 24

Instantie: Hof Den Haag

Rubriek: Invordering, Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 8 januari

Informatiesoort: VN Vandaag

215

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen