Rechtbank Den Haag oordeelt dat inkomsten als ‘short term consultant’ voor de Wereldbank vrijgesteld loon uit dienstbetrekking vormen. Daarom kwalificeert het verlies niet als winst uit onderneming en blijven daarmee samenhangende kosten buiten aftrek.

X drijft sinds 2011 een eenmanszaak. In de jaren 2016 tot en met 2018 verricht X werkzaamheden voor de Wereldbank als ‘short term consultant’. Daarnaast verricht X in 2017 eenmalig een opdracht voor de Europese Unie. X dient een herziene aangifte IB/PVV 2018 in met een negatief resultaat als winst uit onderneming en vrijgesteld inkomen als functionaris internationale organisatie. De inspecteur corrigeert de aanslag. In geschil is of X ondanks de kwalificatie van de Wereldbankinkomsten als vrijgesteld loon uit dienstbetrekking een onderneming drijft waarvan hij kosten mag aftrekken.

Rechtbank Den Haag oordeelt dat ‘short term consultants’ van de Wereldbank, als functionarissen van een gespecialiseerde VN-organisatie, inkomsten genieten die vrijgesteld zijn als loon uit dienstbetrekking. Dit volgt uit een goedkeuring in het besluit Positie short term consultants bij de Wereldbank (IFZ99/1044, V-N 1999/48.6). De daarmee samenhangende kosten komen daarom niet voor aftrek in aanmerking. Daarnaast acht de rechtbank geen afzonderlijke bron van inkomen aanwezig, omdat X in de relevante jaren vrijwel uitsluitend voor de Wereldbank werkt en sinds 2015 steeds negatieve resultaten als winst uit onderneming aangeeft. De inspecteur weigert het verlies terecht.

[Bron Uitspraak]

Instantie: Rechtbank Den Haag

Rubriek: Loonbelasting, Internationaal belastingrecht, Inkomstenbelasting

Editie: 19 februari

Informatiesoort: VN Vandaag

16

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen