Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat diverse correcties op de winst uit onderneming van X na een boekenonderzoek in stand blijven. Het hof bevestigt dat X onvoldoende bewijs levert voor kosten, winstverdeling met zijn echtgenote en dotaties aan de fiscale oudedagsreserve.

X is gehuwd met Y en exploiteert een stoffeerdersbedrijf, waarbij Y werkzaamheden verricht voor de onderneming. De onderneming staat in de jaren 2014 tot en met 2018 als eenmanszaak ingeschreven. X geeft in die jaren relatief lage winsten uit onderneming aan, bijvoorbeeld nihil in 2014 en € 27.326 in 2018. Na een boekenonderzoek naar de aangiften omzetbelasting voor de jaren 2014 tot en met 2017, waarbij gedurende het boekenonderzoek de controle is uitgebreid naar IB/PVV, constateert de inspecteur onder meer contante betalingen in verband met werk verricht door derden, alsmede privé-uitgaven en niet-onderbouwde autokosten. In geschil is of de na boekenonderzoek aangebrachte correcties inzake de betalingen aan derden, de kwalificatie van de werkzaamheden van de echtgenote en de dotatie aan de fiscale oudedagsreserve, terecht zijn.

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat tijdens het boekenonderzoek nieuwe feiten naar voren komen, zodat de inspecteur rechtsgeldig navordert. Het hof volgt de rechtbank dat vóór 2022 geen samenwerkingsverband tussen X en Y bestaat, zodat Y geen winstgerechtigde ondernemer is. De inkomsten van Y zijn terecht gekwalificeerd als loon uit dienstbetrekking. X maakt de gestelde kosten voor werk door derden en de autokosten niet aannemelijk; de bewijslast blijft bij X en verschuift niet naar de inspecteur via derdenonderzoek. Het hof passeert het herhaalde, niet geconcretiseerde, bewijsaanbod van X uit oogpunt van een doelmatige procesgang. Omdat het ondernemingsvermogen in de jaren 2014-2018 negatief is, voldoet X niet aan de voorwaarden voor dotaties aan de fiscale oudedagsreserve. Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 16

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.68

Instantie: Hof Arnhem-Leeuwarden

Rubriek: Inkomstenbelasting

Editie: 6 april

Informatiesoort: VN Vandaag

98

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen