X BV verzendt in 2010 - 2012 facturen, met BTW, voor managementfees en huur aan concernvennootschap B BV. Deze facturen worden niet betaald. X BV geeft geen omzet en geen verschuldigde BTW aan in de aangiften, omdat zij het kasstelsel hanteert. B BV brengt de door X BV gefactureerde BTW in haar aangiften wel als voorbelasting in aftrek. In 2013 wordt B BV failliet verklaard. Naar aanleiding van een boekenonderzoek worden aan X BV BTW-naheffingsaanslagen opgelegd waarbij de BTW die is vermeld op de aan B BV gerichte facturen wordt nageheven. De Hoge Raad (13 september 2024, 21/01310, ECLI:NL:HR:2024:1196, V-N 2023/36.1.8) oordeelt dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd. X BV heeft de naheffingsaanslagen niet betaald. De inspecteur verklaart vervolgens het door X BV in 2016 gedane verzoek om teruggaaf van in totaal € 98.000 aan BTW, in verband met oninbare vorderingen op B BV, niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. De inspecteur merkt het verzoek daarbij aan als een verzoek om teruggaaf over het eerste kwartaal van 2013.
Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat er geen sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. Het verzoek om BTW-teruggaaf had namelijk uiterlijk bij de aangifte over het eerste kwartaal 2013 moeten worden gedaan, omdat uiterlijk begin 2013 voor X BV duidelijk was dat betaling door B BV niet meer was te verwachten. Het hof wijst daarbij op het feit dat B BV begin 2013 failliet is verklaard en op diverse verklaringen waaruit blijkt dat uiterlijk begin 2013 al kwam vast te staan dat voldoening van de vorderingen van X BV op B BV redelijkerwijs niet meer te verwachten was. Het hof merkt verder nog op dat het er op lijkt dat de bestuurder van X BV zich heeft vergist in het gebruik van het kasstelsel. Door deze vergissing was de bestuurder, en met hem X BV, in de onjuiste veronderstelling dat de BTW-schuld na het faillissement van B BV niet meer bestond. Deze vergissing komt voor rekening van X BV.
Wetingang:
Algemene wet bestuursrecht artikel 6.11
Wet op de omzetbelasting 1968 artikel 29
Wet op de omzetbelasting 1968 artikel 31
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 60
Instantie: Hof 's-Hertogenbosch
Rubriek: Omzetbelasting, Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 27 januari
Informatiesoort: VN Vandaag