Rechtbank Den Haag oordeelt dat X geen voorziening kan vormen voor een schadevergoedingsmaatregel, omdat hij nog niets heeft betaald. Het beroep op het protocol AAFD en het evenredigheidsbeginsel slaagt niet.

X is penningmeester bij drie kerkelijke organisaties en beheert meerdere bankrekeningen. Hij verduistert € 1.883.000 en wordt veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf en het betalen van een schadevergoeding van € 1.818.231 aan de organisaties. De inspecteur legt over 2010 en 2012‑2014 navorderingsaanslagen IB/PVV op, waarin het verduisterde bedrag als resultaat uit overige werkzaamheden wordt belast. In geschil is of X een voorziening kan vormen en of de navorderingsaanslagen terecht zijn opgelegd. De inspecteur stelt dat afstemming onder het protocol aanmelding en afdoening van fiscale delicten en delicten (AAFD) slechts nodig is bij strafrechtelijke ontneming en dat voor een voorziening eerst feitelijke betaling vereist is.

Rechtbank Den Haag oordeelt dat aftrek pas mogelijk is in het jaar waarin het schadebedrag daadwerkelijk wordt betaald op grond van het arrest van de Hoge Raad van 23 september 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT2299, V-N 2011/47.10. Omdat X nog niets heeft voldaan, kan hij geen voorziening vormen. Afstemming onder het Protocol AAFD is niet vereist bij een schadevergoedingsmaatregel. Ook het evenredigheidsbeginsel biedt geen grond voor vernietiging. De navorderingsaanslagen en rentebeschikkingen blijven in stand.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 74

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.14

Instantie: Rechtbank Den Haag

Rubriek: Strafrecht, Inkomstenbelasting

Editie: 23 januari

Informatiesoort: VN Vandaag

14

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen