Het Hof van Justitie oordeelt dat bij de uitgifte van punten bij het loyaliteitsprogramma van Lyko geen sprake is van een voucher in de zin van art. 30 bis BTW-richtlijn. De verplichting om die punten als tegenprestatie voor een goederenlevering te aanvaarden ontbreekt namelijk.

Lyko Operations AB verkoopt in fysieke winkels en online haarverzorgings- en schoonheidsproducten. In verband met de ontwikkeling van een loyaliteitsprogramma voor haar klanten verzoekt zij de Zweedse commissie voor fiscale vraagstukken om de BTW-gevolgen in kaart brengen. In het kader van het programma moeten de, particuliere, klanten van Lyko zonder extra kosten aan het loyaliteitsprogramma kunnen deelnemen. De klanten ontvangen bij elke gewone aankoop punten, die zij vervolgens bij een nieuwe aankoop in de puntenwinkel voor goederen kunnen inwisselen. De beslissende vraag is of reeds de uitgifte van dergelijke punten moet worden behandeld als een voucher in de zin van de BTW-richtlijn. De Zweedse rechter stelt prejudiciële vragen in deze zaak.

Het Hof van Justitie oordeelt dat bij de uitgifte van punten bij het loyaliteitsprogramma van Lyko geen sprake is van een voucher in de zin van art. 30 bis BTW-richtlijn. De verplichting om die punten als tegenprestatie voor een goederenlevering te aanvaarden ontbreekt namelijk. Ook is van belang dat de punten slechts zijn te gebruiken bij een volgende aankoop bij Lyko om nog andere goederen uit het assortiment te verkrijgen.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Richtlijn 2006/112/EG van de Raad betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde artikel 30BIS

Richtlijn 2006/112/EG van de Raad betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde artikel 30TER

Instantie: Hof van Justitie van de Europese Unie

Rubriek: Europees belastingrecht

Editie: 9 maart

Informatiesoort: VN Vandaag

17

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen