Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de geheimhoudingsplicht van art. 67 AWR een uitputtend bedoeld verstrekkingenregime vormt en prevaleert boven een verzoek tot verstrekking van eigen fiscale persoonsgegevens op grond van art. 5.5 Woo.

X dient een Woo-verzoek in voor het verstrekken van op zijn persoon betrekking hebbende fiscale gegevens. X vraagt om alle stukken die betrekking hebben op de aanslagen IB/PVV 2009-2013. De Staatssecretaris van Fiscaliteit, Belastingdienst en Douane wijst het verzoek af met een beroep op art. 67 AWR. X gaat in beroep.

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de geheimhoudingsplicht art. 67 AWR een uitputtend bedoeld verstrekkingenregime bevat voor persoonlijke fiscale gegevens. Dit regime prevaleert boven art. 5.5 Woo, zodat de staatssecretaris het Woo-verzoek terecht afwijst. De rechtbank verwijst hierbij naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van 4 december 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4984, V-N 2025/6.22. Het beroep is ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Wet open overheid artikel 5.5

Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 67

Instantie: Rechtbank Noord-Holland

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 23 januari

Informatiesoort: VN Vandaag

18

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen