Een entiteit waarin een uiteindelijke moederentiteit onmiddellijk of middellijk een belang houdt van 100% kan onder voorwaarden kwalificeren als joint venture, ondanks dat bij een 100%-belang in een entiteit geen sprake is van een samenwerkingsverband in gebruikelijke zin. Er wordt namelijk voldaan aan de eis dat sprake moet zijn van een onmiddellijk of middellijk belang van ten minste 50% in die entiteit. Dat staat in een standpunt van de Kennisgroep Pijler 2 over de toepassing van de definitie van joint venture in art. 1.2 lid 1 Wet MB 2024.

Voor de kwalificatie als een joint venture is ook vereist dat de financiële resultaten van een entiteit op basis van de nettovermogenswaardemethode worden verantwoord in de geconsolideerde jaarrekening van de uiteindelijke moederentiteit. Een verantwoording van de financiële resultaten van de entiteit op basis van reële waarde is hiermee niet in overeenstemming.

Wetingang:

Wet minimumbelasting 2024 artikel 1.2

[Nieuwsbron]

Rubriek: Internationaal belastingrecht

Regelgevende instantie: Belastingdienst

Editie: 13 april

Informatiesoort: VN Vandaag

13

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen