Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een netwerk van laadpalen geen samenstel vormen in de zin van art. 16 Wet WOZ en dus ook niet één aansluiting zijn in de zin van de energiebelasting en de opslag duurzame energie- en klimaattransitie. De laadpalen horen niet naar de omstandigheden beoordeeld bij elkaar.

X en Y hebben overeenkomsten gesloten met diverse samenwerkende gemeenten. X mag op basis van de overeenkomsten gedurende een periode laadpalen in die gemeenten plaatsen en exploiteren. Indien de gemeenten in dezelfde regio zijn gelegen, vormen zij één concessiegebied. X factureert maandelijks per concessiegebied aan Y voor het elektriciteitsverbruik via de laadpalen in dat concessiegebied. Y rekent af met de eindgebruikers. X heeft over de levering van elektriciteit aan de laadpalen per laadpaal energiebelasting en opslag duurzame energie- en klimaattransitie (ODE) berekend, aangegeven en afgedragen. X vraagt om teruggaven van EB en ODE, omdat de laadpalen per concessiegebied of per gemeente als één aansluiting moeten worden aangemerkt en X dan een lager bedrag aan EB en ODE is verschuldigd. De rechtbank stelt X in het ongelijk.

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat geen sprake is van één aansluiting. Voor het begrip aansluiting wordt aangesloten bij art. 16 letter d Wet WOZ. Hoewel de laadpalen per gemeente dezelfde eigenaar hebben en worden gebruikt door één en dezelfde rechtspersoon (Y) horen de laadpalen, naar de omstandigheden beoordeeld, niet bij elkaar. Er is dus geen sprake van een samenstel. De laadpalen liggen verspreid door de gemeenten, zodat niet kan worden gesproken van eigendommen die (per gemeente) onmiskenbaar een geografisch samenhangend geheel vormen. De laadpalen zijn naar hun aard bestemd om afzonderlijk en onafhankelijk van elkaar te worden geëxploiteerd en te worden gebruikt om individuele auto’s op te laden. De laadpalen functioneren zelfstandig en zijn technisch niet van elkaar afhankelijk, omdat zij allemaal individueel verbonden zijn met het energienetwerk, dat eigendom is van een derde partij. Zij kunnen dus ook afzonderlijk door anderen dan Y worden geëxploiteerd. Het hoger beroep is ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Wet belastingen op milieugrondslag artikel 47

Wet waardering onroerende zaken artikel 16

Instantie: Hof Arnhem-Leeuwarden

Rubriek: Waardering onroerende zaken, Milieuheffingen

Editie: 16 januari

Informatiesoort: VN Vandaag

33

Gerelateerde artikelen