X is eigenaar van een woning en sluit voor de financiering een hypotheek af van € 153.400 met een einddatum in 2045. In 2021 sluit hij deze over naar een andere hypotheekverstrekker voor € 140.612 met een looptijd tot 2051. In zijn aangifte IB/PVV 2021 geeft X aftrekbare rente van € 7874 en financieringskosten van € 5169 op. De inspecteur corrigeert deze omdat de lening niet voldoet aan de wettelijke looptijdeis voor een eigenwoningschuld. X gaat in beroep. In geschil is of de overgesloten lening kwalificeert als eigenwoningschuld.
Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat de nieuwe lening niet voldoet aan de eisen voor een eigenwoningschuld. Bij oversluiten krijgt de lening een nieuwe looptijd van 360 maanden, zonder rekening te houden met de verstreken termijn van de oorspronkelijke lening. De latere aanpassing in 2024 waarbij de looptijd is teruggebracht naar 2045 heeft geen terugwerkende kracht. Het betoog van X dat het deel van de financieringskosten dat evenredig is aan de kwalificerende periode wel aftrekbaar is vindt geen steun in de wet. De inspecteur weigert daarom terecht de volledige aftrek.
Wetingang:
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.119A
Instantie: Rechtbank Noord-Nederland
Rubriek: Inkomstenbelasting
Editie: 29 januari
Informatiesoort: VN Vandaag