Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de verzekeringsovereenkomst op naam van Y BV zo moet worden uitgelegd dat het de bedoeling van de contractspartijen is geweest om X als verzekeringnemer, verzekerde en begunstigde aan te merken.

Met ingang van 7 mei 1998 heeft X een arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten bij een verzekeraar. Hij brengt in 2006 zijn eenmanszaak in 2006 in in Y BV. In 2017 ontvangt X op grond van de verzekering – na inhouding van loonheffing – een uitkering. De premie voor de verzekering is in de jaren 2016 tot en met 2019 door Y BV betaald en ten laste van de rekening-courantverhouding met X gebracht. De verzekeraar verklaart schriftelijk dat Y BV weliswaar lange tijd als verzekeringnemer geregistreerd stond, maar dat de polis altijd is afgehandeld alsof X de verzekeringsnemer is. In hoger beroep is in geschil of X de premies voor de verzekering in zijn aangifte IB/PVV aftrek kan brengen.

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de verzekeringsovereenkomst op naam van Y BV zo moet worden uitgelegd dat het de bedoeling van de contractspartijen is geweest om X als verzekeringnemer, verzekerde en begunstigde aan te merken. Die bedoeling is ook tot uiting is gekomen in de feitelijke afhandeling van de verzekering. De premies drukken op X en kunnen door hem in aftrek worden gebracht. Het hoger beroep van de inspecteur is ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.124

Instantie: Hof 's-Hertogenbosch

Rubriek: Inkomstenbelasting

Editie: 27 maart

Informatiesoort: VN Vandaag

6

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen