X bezit een twee-onder-éénkapwoning uit 1861 met de status van rijksmonument. De woning heeft een gebruiksoppervlakte van 178 m
Rechtbank Rotterdam oordeelt dat de heffingsambtenaar de WOZ-waarde voldoende onderbouwt met vergelijkingsobjecten die geen monumentale status hebben. De verschillen in waardebepalende kenmerken, waaronder perceelgrootte en staat van onderhoud, verdisconteert hij in de taxatiematrix. Een monumentale status heeft niet per definitie een waardeverlagend effect; X toont onvoldoende concrete feiten aan die tot correctie nopen. Ook de overige gebreken en het beperkte perceel leiden niet tot een lagere waardering. De rechtbank acht de methode van systematische vergelijking juist toegepast en verklaart het beroep ongegrond. De vastgestelde waarde en aanslag blijven in stand.
Wetingang:
Wet waardering onroerende zaken artikel 17
Instantie: Rechtbank Rotterdam
Rubriek: Belastingen van lagere overheden, Waardering onroerende zaken
Editie: 20 januari
Informatiesoort: VN Vandaag