Hof Amsterdam oordeelt na verwijzing door de Hoge Raad dat een beroep op het vertrouwensbeginsel alleen kan slagen bij een bewuste standpuntbepaling van de inspecteur. Facturen van toeleveranciers en de ‘Free Sale Declaration’ van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) kunnen hiertoe niet dienen. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).

X exploiteert een seksshop, waarin diverse sekslust opwekkende middelen (afrodisiaca) worden verkocht. De inspecteur stelt dat hierop ten onrechte het verlaagde BTW-tarief is toegepast. Volgens HvJ EU 1 oktober 2020, C-331/19, V-N 2020/53.19 bevatten de middelen geen of een volstrekt te verwaarlozen hoeveelheid voedingsstoffen en is de consumptie kennelijk uitsluitend gericht op andere effecten. De Hoge Raad (HR 18 december 2020, 17/01725bis, V-N 2020/65.18) oordeelt dat de middelen niet zijn bedoeld voor de instandhouding, werking en ontwikkeling van het menselijk organisme. Het verlaagde BTW-tarief is dus niet van toepassing. Volgt verwijzing voor X' beroep op het gelijkheids- en vertrouwensbeginsel.

Hof Amsterdam (V-N 2022/9.1.4) oordeelt dat een beroep op het vertrouwensbeginsel alleen kan slagen bij een bewuste standpuntbepaling van de inspecteur. Facturen van toeleveranciers en de ‘Free Sale Declaration’ van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) kunnen hiertoe niet dienen. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt ook. X stelt vergeefs dat veel voedingssupplementen met toepassing van het verlaagde BTW-tarief worden verkocht. Uit het verwijzingsarrest volgt namelijk dat de middelen geen voedingssupplementen zijn, omdat zij op de verpakkingen worden aangeprezen als sekslust opwekkende middelen en ook als zodanig worden gebruikt. Het zijn dus geen gelijke gevallen. De naheffingsaanslagen worden toch verlaagd, omdat partijen eerder een compromis over de filmvertoningen in cabines hadden gesloten. X' beroepen zijn slechts in zoverre gegrond. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet op de omzetbelasting 1968 9

Besluit toelichting op de reikwijdte en toepassing van Tabel I bij de Wet op de omzetbelasting 1968 1

Instantie: Hoge Raad

Rubriek: Omzetbelasting, Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 25 november

Informatiesoort: VN Vandaag

  642
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen