Het is op dit moment niet bekend of andere Inclusive Framework (IF)-jurisdicties een verzoek hebben ingediend om te worden aangemerkt als kwalificerende jurisdictie voor de toepassing van de Side-by-Side-veiligehavenregel. Dat antwoordt Staatssecretaris Eerenberg van Financiën naar aanleiding van het schriftelijk overleg inzake het Side-by-Side-pakket wereldwijde minimumbelasting (Pijler 2).

De veiligehavenregel heeft als doel om te voorkomen dat een multinationale groep zowel aan Pijler 2 als aan een kwalificerende equivalente minimumbelasting wordt onderworpen. Het IF heeft geoordeeld dat in de VS een kwalificerende equivalente minimumbelasting van toepassing is die een minimumniveau van belasting waarborgt over zowel binnenlandse als buitenlandse winsten van een multinationale groep.

Of een multinationale groep met het hoofdkantoor in de VS een voordeel heeft als gevolg van de Side-by-Side veilige havenregel, in die zin dat die groep minder belasting verschuldigd is over de binnenlandse of buitenlandse winsten dan een vergelijkbare groep met het hoofdkantoor in een implementerende jurisdictie zou zijn, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Dat hangt ook af van de grondslag waarover wordt geheven en de mogelijkheid tot verrekening van de belasting die is geheven in een ander land.

Van de vijftien belangrijkste handelspartners van Nederland heeft, naast de VS, alleen China de Pijler 2-regels niet ingevoerd. Het is niet bekend of China Pijler 2 zal invoeren of een verzoek zal doen om te worden aangemerkt als een jurisdictie met een kwalificerend equivalent belastingstelsel.

Wetingang:

Wet minimumbelasting 2024 artikel 1.1

[Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron]

Rubriek: Internationaal belastingrecht

Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën

Editie: 17 maart

Informatiesoort: VN Vandaag

7

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen