Staatssecretaris Eerenberg van Financiën geeft naar aanleiding van twee aangenomen moties een overzicht van voorstellen die kunnen zorgen voor een betere aansluiting van de VPB op de landbouwpraktijk. Een definitief besluit over een mogelijke verdere verruiming van de vastgoedmaatregel voor akkerbouwers die de BOR of de doorschuifregeling toepassen, wordt in augustus 2025 genomen.

De diverse knelpunten die in een inventarisatie zijn benoemd, zijn aangedragen door belangenorganisaties uit de landbouwsector. Bij elk knelpunt is ook een beleidsvoorstel aangedragen dat van een appreciatie is voorzien. Er worden geen concrete toezeggingen gedaan.

De voorstellen zien op de volgende onderwerpen:

  • Een fiscale klimaat- en calamiteitenreserve voor de landbouw;

  • Een fiscale investeringsreserve landbouw voor dier- en natuurvriendelijke investeringen;

  • Meerjarige achterwaartse verliesrekening voor de landbouw;

  • Een uitzondering voor de agrarische sector op de aangekondigde aanpak van samenwerkingsverbanden tussen IB-ondernemers en de eigen BV;

  • Behoud van de landbouwvrijstelling in gevallen waarbij een eigenaar grond verpacht en een ruimere definitie van vruchtwisseling;

  • Verpachte gronden uitzonderen van de vastgoedmaatregel in de BOR en DSR als sprake is van tijdelijke uitruil van grond tussen akkerbouwers en melkveehouders.

Wetingang:

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.12

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.63

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 4.17A

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 4.17C

Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 8

Successiewet 1956 artikel 35B

[Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron]

Rubriek: Inkomstenbelasting, Schenk- en erfbelasting

Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën

Editie: 11 maart

Informatiesoort: VN Vandaag

13

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen