X woont in Amsterdam. In geschil is de aanslag waterschapsbelasting van 2024. De aanslag van € 525,77 omvat de watersysteemheffing gebouwd, watersysteemheffing ingezetenen en zuiveringsheffing woonruimten. Volgens X is de tariefsverhoging in strijd met het evenredigheidsbeginsel, omdat het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht de belangen van de belastingplichtigen niet heeft meegewogen.
Rechtbank Amsterdam oordeelt dat de tariefsverhoging gezien de begroting voor 2024 van het Waterschap onvermijdelijk is. De toename van de kosten wordt voor het overgrote deel veroorzaakt door de klimaatverandering en de toenemende complexiteit van het waterbeheer door de eisen aan schoon (gezuiverd) water en bescherming tegen wateroverlast en droogte. X heeft als inwoner van Amsterdam direct belang bij een goed watersysteembeheer (droge voeten) en zuiveringsbeheer (zuiveren van afvalwater). De belangen van de belastingplichtigen zijn dan ook betrokken bij de keuze om de tarieven in 2024 te laten stijgen. Er is geen reden om de belastingverordeningen deels onverbindend te verklaren. X' beroep is ongegrond.
Wetingang:
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 25
Algemene wet bestuursrecht artikel 7.2
Instantie: Rechtbank Amsterdam
Rubriek: Overheidsfinanciën, Belastingen van lagere overheden, Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 12 februari
Informatiesoort: VN Vandaag