Nederland zet zich in om afwijkingen van Pijler 2 tot een minimum te beperken. Tegelijkertijd is het belangrijk om een zo groot mogelijk internationaal netwerk van minimumbelastingen in stand te houden. Het Side-by-Side-systeem moet ervoor zorgen dat de effectieve belastingdruk voor multinationale ondernemingen vergelijkbaar uitpakt onder zowel Pijler 2 als onder kwalificerende gelijkwaardige belastingstelsels. Hiervoor is het vereist dat de VS een belastingstelsel heeft dat een minimumniveau van belastingheffing waarborgt. In het IF-akkoord zijn strikte criteria afgesproken om te kwalificeren als een gelijkwaardig belastingstelsel en daarmee ook strikte criteria voor de Side-by-Side veiligehavenregel. Op basis van deze veiligehavenregel zullen andere landen niet bijheffen op grond van de inkomen-inclusiemaatregel of de onderbelastewinstmaatregel over de winst van entiteiten behorende tot een Amerikaanse multinationale groep. Echter, dochterondernemingen van Amerikaanse multinationals worden wel onderworpen aan een binnenlandse bijheffing voor zover hun effectieve belastingdruk minder dan 15% bedraagt. Zo’n 60 jurisdicties kennen een binnenlandse bijheffing. Het kabinet acht het van belang om te evalueren of de binnenlandse bijheffing onveranderd blijft werken. Daarnaast is het kabinet van plan het Side-by-Side pakket uit te werken in een separaat wetsvoorstel dat naar verwachting voor de zomer van 2026 bij de Tweede Kamer wordt ingediend.
[Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron]
Rubriek: Internationaal belastingrecht
Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën
Editie: 5 februari
Informatiesoort: VN Vandaag