De regering moet per direct een einde maken aan de werkwijze waarbij onderliggende stukken over de beoordeling van opzet of grove schuld niet worden gedeeld. Ouders en hun gemachtigden moeten standaard en actief inzage krijgen in alle stukken die ten grondslag liggen aan de beoordeling van opzet of grove schuld, zowel in de primaire fase als in bezwaar. Dat is de strekking van een motie die de Tweede Kamer op 10 maart 2026 heeft aangenomen.

Binnen de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT) bestaat een werkafspraak waarbij bij de beoordeling van opzet of grove schuld slechts de uitkomst wordt gedeeld met ouders en niet de onderliggende stukken. Uit interne stukken van de Dienst Toeslagen blijkt dat deze werkwijze op gespannen voet staat met de informatieverplichtingen uit de Algemene wet bestuursrecht.

In een andere motie wordt verzocht een werkinstructie op te stellen die alle ambtenaren, consultants en andere betrokkenen opdraagt de gevraagde dossierinformatie te overhandigen aan de ouders in het toeslagenschandaal en hun advocaten.

In een derde aangenomen motie verzoekt men de regering voor maximaal zes maanden een kleine slagvaardige commissie in te stellen waar belanghebbenden terechtkunnen wanneer stukken ontbreken die minimaal noodzakelijk zijn, die transparant samenwerkt met de UHT en waarin onder anderen een destijds betrokken advocaat zit.

[Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron]

Rubriek: Toeslagen en zorgverzekeringswet, Fiscaal bestuurs(proces)recht, Belastingrecht algemeen

Regelgevende instantie: Staten-Generaal

Editie: 11 maart

Informatiesoort: VN Vandaag

Focus: Focus

19

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen