Gemeente X is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet sociale Werkvoorzieningen in haar regio. De gedifferentieerde premie Werkhervattingskas 2020 voor X, een grote werkgever, is vastgesteld op 0,93%. Na een reorganisatie, waarbij de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Sociale Werken met twee andere gemeenten wordt ontmanteld, komen Wsw’ers in dienst bij X. De gedifferentieerde premie Whk 2021 van X wordt vervolgens vastgesteld op 1,19%. Volgens X is dit percentage te hoog. In geschil is of bij de berekening van de gedifferentieerde premie Whk, die over het loon van reguliere werknemers verschuldigd is, ook de uitkeringslasten van Wsw’ers in aanmerking moeten worden genomen.
Rechtbank Den Haag oordeelt dat bij de berekening van de gedifferentieerde premie Whk, die over het loon van reguliere werknemers verschuldigd is, niet de uitkeringslasten van Wsw’ers in aanmerking moeten worden genomen. De rechtbank komt tot dit oordeel na een uitgebreide analyse van de toepasselijke bepalingen. Daarbij wordt onder andere overwogen dat over het loon van reguliere werknemers een premie is verschuldigd die in hoogte afhankelijk is van toerekenbare uitkeringslasten, terwijl over door het UWV betaalde uitkeringen en over het loon van Wsw’ers een uniforme premie wordt geheven. De rechtbank stelt de gedifferentieerde premie Whk 2021 van X vast op 0,92%. Het beroep is gegrond.
Wetingang:
Wet financiering sociale verzekeringen artikel 38
Wet financiering sociale verzekeringen artikel 38A
Instantie: Rechtbank Den Haag
Rubriek: Sociale zekerheid algemeen, Premieheffing
Editie: 1 april
Informatiesoort: VN Vandaag