De Staatssecretaris van Financiën heeft enkele nieuwe goedkeuringen gegeven over lijfrenten en andere periodieke uitkeringen. Dat doet hij in een nieuw verzamelbesluit dat het besluit van 21 januari 2025 (V-N 2025/8.6) vervangt.
De wijzigingen betreffen:
-
De goedkeuringen in de onderdelen 2.4 (herstel (foutieve) overboeking naar lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht) en 2.5 (geruisloze terugstorting van te veel betaalde premie of te hoge inleg) zijn vervallen;
-
In onderdeel 4.4 is een goedkeuring opgenomen voor de toedeling lijfrenterekening in het kader van de verdeling huwelijksgemeenschap na overlijden;
-
In onderdeel 7.3 is een goedkeuring opgenomen voor Brede Herwaarderingslijfrenteverzekeringen over de ingangsdatum na overschrijding van de wettelijke termijn;
-
In onderdeel 8 is een goedkeuring opgenomen met betrekking tot de wettelijke termijn voor Pre Brede Herwaarderingslijfrenten met een contractueel overeengekomen einddatum na het jaar van de AOW-gerechtigde leeftijd;
-
In onderdeel 10 is een standpunt opgenomen over lijfrente of arbeidsongeschiktheidsverzekering in het jaar van immigratie;
-
De goedkeuring in onderdeel 13 (verrekening van pensioenrechten door ex-samenwoners) is uitgebreid tot periodieke uitkeringen.
Het nieuwe besluit treedt in werking op 14 april 2026 en werkt terug tot en met 31 maart 2026, met uitzondering van onderdelen 7.3 en 8. Deze onderdelen werken terug tot en met 1 januari 2026.
Wetingang:
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 1.7
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.127
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 6.3
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 6.6
Rubriek: Inkomstenbelasting, Fiscaal bestuurs(proces)recht
Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën
Editie: 14 april
Informatiesoort: VN Vandaag
Focus: Focus