Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de inspecteur het voorschot op de teruggaaf inkomensafhankelijke bijdrage Zvw 2021 terecht terugvordert. Dat de inspecteur volgens X bij de voorschotverlening rekening kan houden met een toekomstige AOW-uitkering verandert dit niet.

X heeft in 2020 recht op een teruggaaf inkomensafhankelijke bijdrage Zvw. Op basis daarvan ontvangt X bij brief van 5 augustus 2021 een voorschot op de teruggaaf 2021 van € 358. In deze brief vermeldt de inspecteur expliciet dat een te hoog voorschot leidt tot terugbetaling en belastingrente en dat X wijziging kan vragen. Vanaf februari 2021 ontvangt X een AOW-uitkering. Voor 2021 stelt de inspecteur de teruggaaf Zvw op nihil vast en vordert het voorschot volledig terug. X stelt uiteindelijk hoger beroep bij het hof.

In geschil is of X het voorschot op de teruggaaf inkomensafhankelijke bijdrage Zvw 2021 moet terugbetalen, gelet op een door X gestelde fout van de inspecteur bij de voorschotverlening.

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat X het voorschot moet terugbetalen. Partijen erkennen dat X in 2021 op grond van de Zvw geen recht heeft op een teruggaaf. Art. 50 lid 4 Zvw geeft de inspecteur bevoegdheid een ten onrechte of te hoog verleend voorschot bij beschikking terug te vorderen. De inspecteur doet dat in dit geval terecht. Dat de inspecteur volgens X bij de voorschotverlening kan weten dat X een AOW-uitkering gaat ontvangen, kan die wettelijke terugvorderingsbevoegdheid niet beperken. De duidelijke waarschuwing in de voorschotbrief over mogelijke terugbetaling ondersteunt dit. Het hof volgt de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Zorgverzekeringswet artikel 50

Instantie: Hof 's-Hertogenbosch

Rubriek: Sociale zekerheid algemeen, Sociale zekerheid ziektekosten

Editie: 5 februari

Informatiesoort: VN Vandaag

12

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen