Stichting X is een woningcorporatie voor reguliere sociale huisvesting in haar woningmarktregio en is toegelaten instelling en ANBI. Stichting Y is een landelijk actieve woningcorporatie voor senioren en mensen met een zorgvraag, eveneens toegelaten instelling en ANBI. In 2021 kondigt Stichting Y aan complexen te willen verkopen die niet bij haar doelgroep passen. Zij draagt vervolgens een complex, bestaande uit 70 woningen, vijf vitrines en acht bergingen met toebehoren, en een daarmee samenhangende lening, over aan Stichting X. De woningen zijn sociale huurwoningen en na overdracht valt het complex onder prestatieafspraken tussen de gemeente en Stichting X. In geschil is of de verkrijging van het complex kwalificeert als overdracht van een zelfstandig onderdeel van een taak waarvoor de vrijstelling van art. 15 lid 1 onder h Wet BRV 1970 juncto art. 5d Uitvoeringsbesluit Wet BRV 1971 geldt.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de beoordeling of sprake is van taakoverdracht plaatsvindt vanuit de overdragende instelling. Stichting Y stelt zich tot doel reguliere sociale huisvesting af te stoten en draagt in dat kader het gehele woningcomplex over. Bij de overdracht staat de voortzetting van de ondersteuning van huurders centraal, inclusief een intensieve beheerrol, een dekkend netwerk van woonconsulenten en buurtbeheerders en samenwerkingsverbanden met maatschappelijke partijen. Ook de leefbaarheidsdossiers gaan over. Daarom kwalificeert de transactie als overdracht van een zelfstandig onderdeel van de volkshuisvestelijke taak en valt de verkrijging, behoudens de vijf vitrines, onder de vrijstelling.
Wetingang:
Wet op belastingen van rechtsverkeer artikel 15
Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer artikel 5D
Wet op belastingen van rechtsverkeer artikel 2
Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rubriek: Belastingen van rechtsverkeer
Editie: 18 maart
Informatiesoort: VN Vandaag