Als een dga met een oudedagsverplichting (ODV) overlijdt terwijl de ODV-termijnen als zijn ingegaan, dan gaat het recht op de resterende termijnen direct bij overlijden over op de erfgenamen. Maar wat als niet direct duidelijk is wie in dit verband de erfgenamen zijn? De uitkering van de ODV-termijnen kan dan worden opgeschort.

In een nieuwe Vraag & Antwoord gaat het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen (CAP) van de Belastingdienst dieper in op deze opschorting. Hieruit blijkt dat het mogelijk is om de wettelijke ingang van de uitkeringen van de ODV-termijnen aan de erfgenamen op te schorten tot het moment dat de erfgenamen bekend zijn. Direct daarna moeten de uitkeringen van de ODV-termijnen (weer) aanvangen en moeten de opgeschorte uitkeringen in één keer worden uitgekeerd aan de rechthebbende erfgenamen.

In de V&A gaat het CAP ook in op de situatie dat de ODV-termijnen nog niet zijn ingegaan op het moment dat de ODV-gerechtigde overlijdt. De ODV-termijnen aan de erfgenamen moeten dan binnen twaalf maanden na het overlijden ingaan. Pas na het verstrijken van deze twaalf-maandsperiode is dan sprake van het opschorten van de uitkeringen totdat de erfgenamen bekend zijn.

Bron: Avanzer Nieuws

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Pensioenen, Inkomstenbelasting

  208
Gerelateerde artikelen