Bron: Ministerie van Financiën
Gerelateerde artikelen
Gedoe? Aan de slag!
Als een pensioenaanspraak fiscaalrechtelijk onzuiver is geworden, maar er op dat moment om wat voor reden dan ook geen loonheffing heeft plaatsgevonden, dan vindt loonheffing alsnog bij latere uitkering plaats. Dat is kort gezegd wat art. 10 lid 4 Wet LB 1964 al sinds jaar en dag bepaalt. De achtergrond: het voorkomen van claimverlies, met name in eigenbeheersituaties. Maar de bepaling geldt ook voor alle andere toegelaten uitvoerders.
April-versie van kennisdocument Wet tegemoetkomingen loondomein
Op de website van de Rijksoverheid staat de nieuwe uitgave van het Kennisdocument Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Het gaat om versie 16.0 april 2026.
Aanpassingen box 3 en youngtimerregeling
De Tweede Kamer heeft de regering verzocht om alvast een tweetal aanpassingen in het nieuwe box 3-stelsel uit te werken én met vereenvoudigingsvoorstellen te komen voor fiscale regelingen met hoge administratieve lasten voor ondernemers. Ook wil de Kamer dat het kabinet voorstellen doet om ongewenste neveneffecten in de youngtimerregeling en de pseudo-eindheffing tegen te gaan.
Fiscale aspecten van verdeling lijfrente bij echtscheiding
Aan de hand van een casus komen de mogelijkheden en fiscale beperkingen aan de orde van de verdeling van lijfrentekapitaal na de scheiding van een echtpaar dat is gehuwd in gemeenschap van goederen.
Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat geen sprake is van diensten die worden verricht tegen een uurtarief. Daarom is er geen sprake van een vordering maar van onderhanden werk. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).