Een man ontvangt de afkoopsom van zijn nieuw regime lijfrente. Omdat een deel van de premies niet in aftrek is gebracht, is de saldomethode van toepassing. Over het saldodeel is inkomstenbelasting noch revisierente verschuldigd.
De zaak (Hof Den Haag 26 april 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:1555) verloopt als volgt. Een man laat zijn twee nieuw regime lijfrenteverzekeringen afkopen. Het totaal van de afkoopsommen bedraagt € 99.202. Omdat hij niet alle premies in aftrek heeft gebracht, vraagt hij bij de Belastingdienst een saldoverklaring op. Op de saldoverklaring staat een bedrag van € 10.498. De man is het daar niet mee eens en stelt dat het saldodeel € 662 hoger moet zijn omdat de in 2011 betaalde premie niet in aftrek is gebracht. Zowel rechtbank als hof oordelen dat de man er niet in slaagt de betaling van de premie in 2011 aannemelijk te maken. Het gelijk is aan de inspecteur.
 
Over de afkoopsom is inkomstenbelasting verschuldigd. Daarbij wordt op grond van artikel 3.137, tweede lid Wet IB 2001 rekening gehouden met het saldodeel van € 10.498. Daardoor is slechts een bedrag van € 88.707 belastbaar. Er is tevens revisierente over het bedrag van € 88.707 verschuldigd. De man vindt de heffing van revisierente niet terecht. Hij stelt dat deze heffing een inbreuk vormt op het recht van eigendom als bedoeld in artikel 1 van het Eerste Protocol bij het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens. Ook stelt hij dat hij ongelijk wordt behandeld ten opzichte van arbeidsongeschikten die de afkoopsom vrij van revisierente mogen ontvangen. Beide argumenten zijn zowel door de rechtbank als het gerechtshof verworpen.

Belang voor de praktijk

Bij afkoop van een nieuw regime lijfrente moet de uitvoerder loonbelasting inhouden. De heffing vindt niet plaats aan de hand van de loonbelastingtabel maar via een vast tarief van 52% over de afkoopsom. Als een verzekeraar een saldoverklaring heeft ontvangen, dan kan daarmee bij de loonheffing rekening worden gehouden. Zie voor de saldoverklaring het bericht De saldomethode bij aftrek van lijfrentepremies. Bij het verzoek moeten betalingsbewijzen worden bijgevoegd.
 
In de hiervoor beschreven procedure is de man er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat hij in 2011 € 662 premie heeft betaald. Dat bedrag is dan ook bij het vaststellen van de saldoverklaring buiten beschouwing gebleven. Bij afkoop van een nieuw regime lijfrente is revisierente verschuldigd. De revisierente wordt niet ingehouden door de lijfrente-uitvoerder maar is verschuldigd via de aanslag inkomstenbelasting. Heffing van revisierente speelt niet als er sprake is van afkoop van een ‘kleine lijfrente'' conform artikel 3.133, tweede lid, onderdeel d Wet IB 2001 (afkoopsom niet hoger dan € 4.316 in 2017) of bij afkoop wegens arbeidsongeschiktheid conform artikel 3.133, negende lid Wet IB 2001.
 

Bron: Fiscaal Juridisch Adviesbureau Nationale Nederlanden

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Inkomstenbelasting

94

Gerelateerde artikelen