Arbodiensten dienen voor de premieheffing werknemersverzekeringen te worden ingedeeld in sector 35, "Gezondheid, geestelijke en maatschappelijke belangen". Dat heeft de belastingkamer van het gerechtshof Amsterdam vandaag beslist.

Sectorindeling

Het geschil waarin het hof een beslissing heeft gegeven ging over de vraag in welke sector Arbodiensten voor de heffing van premies werknemersverzekeringen moeten worden ingedeeld. De sectorindeling is van belang voor de hoogte van de premies; die kunnen in de verschillende sectoren fors uiteen lopen. Alle ondernemers/werkgevers worden ingedeeld in de sector waaronder de werkzaamheden vallen welke hij verricht. Elke sector omvat één of meer bedrijfstakken.

Sectoren 44 (II) en 35

Met ingang van 1996 zijn alle Arbodiensten ingedeeld bij de sector die nu sector 44, "Zakelijke dienstverlening II" is. Daaronder vallen bijvoorbeeld economische adviesbureaus en expertise-bureaus. 
 
De belanghebbende/Arbodienst stond een herziening van die indeling voor; hij vond dat indeling in sector 35, "Gezondheid, geestelijke en maatschappelijke belangen" meer passend was. In sector 35 zijn ingedeeld allerlei instellingen en inrichtingen voor de (geestelijke) gezondheidszorg en beroeps-groepen zoals artsen, tandartsen en dierenartsen, maar ook paramedische bedrijven, medisch-opvoedkundige bureaus, bureaus voor levens- en gezinsmoeilijkheden, bureaus voor beroepskeuze en consultatiebureaus voor maatschappelijke zorg. 
 
De inspecteur heeft het verzoek tot herindeling afgewezen omdat er volgens hem sinds 1996 geen essentiële wijzigingen zijn opgetreden in de werkzaamheden en maatschappelijke functie van Arbodiensten.

Vergelijking

Arbodiensten zijn niet een afzonderlijk vermelde bedrijfstak en kunnen dus niet rechtstreeks onder een sector worden gerangschikt. Hun werkzaamheden moeten daarom door de methode van vergelijking worden gerangschikt onder de sector waarmee de meeste overeenkomst bestaat.
 
Het hof oordeelde dat daarbij de feitelijke werkzaamheden bepalend zijn. Voor Arbodiensten gaat het om de bijstand aan werkgevers bij de uitvoering van de Arbowet- en regelgeving, bijvoorbeeld verzuimbegeleiding van werknemers, keuringen en medisch onderzoek, en verder advisering van de werkgever over arbeidsomstandigheden en -risico's voor zijn werknemers. 
Het hof oordeelde dat die werkzaamheden, in hun totaliteit bezien, hoofdzakelijk bestaan uit ‘aan arbeid gerelateerde gezondheidszorg'. Zij vertonen volgens het hof de meeste overeenkomsten met (diverse van) de onder sector 35 ressorterende bedrijfstakken en beroepsgroepen.

Herindeling

De belastingkamer van het hof heeft dan ook beslist dat Arbodiensten moeten worden ingedeeld in sector 35. In het desbetreffende geval werd aan die indeling terugwerkende kracht verleend tot 2009.
 
De uitspraak kan praktische betekenis hebben voor de premieheffing van andere Arbodiensten. Het ligt in de rede dat zij eveneens in sector 35 zullen worden ingedeeld.
 
Uitspraak: ECLI:NL:GHAMS:2014:1689

Bron: Hof Amsterdam

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Premieheffing

30

Gerelateerde artikelen