Een bv huurt een bedrijfspand van de ouders van de aandeelhouder. Het Hof Amsterdam merkt het verschil tussen een reële huurprijs en de berekende (lage) huur aan als schenking aan de aandeelhouder. De schenking verlaagt de legitieme portie.

De zaak (23 februari 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:612) verloopt als volgt. Ouders dragen de aandelen van een bv over aan hun zoon tegen een lage prijs. Vervolgens verhuren de ouders een pand dat tot hun privé bezittingen behoort aan de bv van hun zoon. Om de zoon en zijn bv niet met te hoge lasten te confronteren rekenen zij een lage huur. De ouders erkennen dat zij de andere kinderen benadelen door deze transacties. Zij bepalen daarom in hun testament dat de zoon een legaat krijgt ter grootte van zijn legitieme portie te verminderen met de schenkingen bij leven.
 
De ouders overlijden. Bij het bepalen van het erfdeel van de zoon wordt rekening gehouden met de schenking van de waarde van de aandelen en van huur. De zoon is het niet eens met de korting in verband met de huur. Hij stelt dat de verhuur van het pand tegen een te lage prijs geen schenking is omdat het voordeel niet aan hem maar aan zijn bv toekomt. Bovendien is er geen schenkingsovereenkomst.
 
Het hof stelt dat een schenkingsovereenkomst niet noodzakelijk is. Wel doorslaggevend is of sprake is van bevoordeling en van een bevoordelingsbedoeling. Daaraan is volgens het hof voldaan omdat de ouders dit ook expliciet hebben benoemd in hun testament. Het argument dat bevoordeling niet aan zoon ten goede is gekomen omdat niet hij maar de bv de wederpartij was bij de huurovereenkomst, heeft ook geen effect. Door de lagere huurprijs heeft de bv lagere bedrijfskosten en de gelegenheid om een hogere winst te behalen. Een hogere winst die aan de zoon als enig aandeelhouder van de bv toekomt.

Belang voor de praktijk

Schenkingen van ouders aan kinderen zijn niet ongebruikelijk. De meeste ouders proberen wel om aan ieder van de kinderen ongeveer gelijke schenkingen te doen. Dit is echter niet altijd mogelijk en kan een familietwist opleveren bij overlijden van de ouders. Alleen als dit expliciet is aangegeven bij gift of testament bestaat er namelijk een verplichting dat de kinderen schenkingen moeten verrekenen met de nalatenschap na overlijden van de ouders. Dit is bepaald in artikel 4:229 BW. Als kinderen echter een beroep doen op hun legitieme portie (=wettelijk minimaal erfdeel) moet wel rekening worden gehouden met ontvangen schenkingen. Om problemen te voorkomen kan een testament uitkomst bieden.
 

 

Bron: Fiscaal Juridisch Adviesbureau Nationale Nederlanden

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Huwelijksvermogensrecht, Erfrecht

125

Gerelateerde artikelen