De boodschap van het verantwoordingsonderzoek 2020 van de Rekenkamer is nog steeds actueel: regering en parlement moeten zeker weten dat wijzigingen in fiscaal beleid niet opnieuw een grote wissel trekken op de Belastingdienst. Ook de eerdere aanbeveling om ondoelmatige fiscale regelingen af te schaffen, geeft de Belastingdienst op de lange termijn lucht én kan budgettaire ruimte scheppen. En wellicht biedt dit uiteindelijk ook ruimte om te werken aan een forse vereenvoudiging van het fiscale stelsel en het toeslagensysteem. Dit meldt de Rekenkamer in het verantwoordingsonderzoek over 2023 van het Ministerie van Financiën.

De Belastingdienst heeft in 2023 voortuitgang geboekt bij het moderniseren van de IT-systemen voor de allergrootste belastingen, zoals de BTW. Maar het gewenste resultaat is nog niet bereikt. Om risico´s te beperken moet de Belastingdienst hieraan prioriteit blijven geven. Dit is niet vanzelfsprekend, omdat de Belastingdienst voortdurend onder druk staat om, onder meer door politieke wensen, nieuw of aangepast beleid in te voeren met gevolgen voor IT-systemen. Dit vindt de Rekenkamer zorgelijk.

Het Ministerie van Financiën kampt met grote personeelstekorten. De Belastingdienst schat in dat als gevolg van de verwachte uitstroom er zo’n 12.000 fte aan personeel moet instromen, tot en met 2028. Dat is 45% van het totale personeelsbestand. Het personeelstekort werkt door in de problemen bij de taakuitvoering. Zo is in het invorderingsproces gekozen om lage prioriteit te geven aan dwanginvordering van coronabelastingschulden. Verder is maatwerk nauwelijks mogelijk. De Rekenkamer vraagt de staatssecretaris dat de Belastingdienst het proces van dwanginvordering coronaschulden mogelijk maakt in verband met de evidente risico’s voor de belastingmoraal.

Maatwerkregelingen

Verder meldt de Rekenkamer dat de Belastingdienst bij het berekenen van de betaalcapaciteit rekening moet houden met de informatie die burgers aanleveren over andere schulden. De Belastingdienst heeft in 2023 goede stappen gezet in betere communicatie over maatwerkregelingen. Daardoor zijn maatwerkregelingen toegankelijker geworden voor burgers. De Rekenkamer ziet echter ook dat de Belastingdienst bij een maatwerkregeling het bestaansminimum van burgers nog onvoldoende beschermt. Het is niet in overeenstemming met de Rijksincassovisie dat burgers die meerdere schulden hebben (verder) onder het bestaansminimum terechtkomen als ze een maatwerkregeling bij de Belastingdienst aangaan.

Wetgeving arbeidsrelaties

De Rekenkamer dringt erop aan dat de minister van Financiën samen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid haast maakt met de gewenste wijziging in de wetgeving om arbeidsrelaties te verduidelijken. De Belastingdienst wil in 2025 de volledige handhaving bij schijnzelfstandigheid weer oppakken, hoewel de voorgenomen wettelijke verduidelijking van de regels voor arbeidsrelaties dan nog niet van toepassing is. Omdat deze nieuwe regels nog uitblijven en omdat het Rijk zelf nog schijnzelfstandigen inhuurt, kan de Belastingdienst de handhaving minder geloofwaardig hervatten. Langer uitstel belemmert de geloofwaardigheid van de Belastingdienst in de uitvoering, aldus de Rekenkamer.

Bron: Rekenkamer

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Belastingrecht algemeen

Focus: Focus

766

Gerelateerde artikelen