Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) zet in hoger beroep een streep door het oordeel van de accountantskamer dat accountantskantoor EY zich schuldig heeft gemaakt aan structurele tekortkomingen in zijn kwaliteitssysteem.

Op 6 september 2019 legde de accountantskamer de toenmalig bestuursvoorzitter van EY een waarschuwing op, omdat niet duidelijk was dat een boeterapport voor De Nederlandsche Bank was opgesteld door niet-accountants. Niet-accountants hoeven zich niet te houden aan de beroepsregels voor accountants.

Het CBb is echter een andere mening toegedaan en volgt de voormalig bestuursvoorzitter dat het uitbrengen van het rapport weliswaar niet goed is verlopen maar dat dit incident niet representatief is voor de gang van zaken bij EY Accountants.

Het college is het ook niet eens met de accountantskamer dat de voormalig bestuursvoorzitter naliet passende maatregelen te treffen toen bleek dat sprake was van onvolledige informatie over de opstellers van het rapport. Op de vragen van klagers over de opstellers, heeft EY Accountants vlot en adequaat gereageerd, zo vindt het college. Bovendien mocht de voormalig bestuursvoorzitter de beantwoording van die vragen overlaten aan de afdeling Juridische zaken.

Het CBb schrapt de opgelegde waarschuwing. Deze uitspraak is definitief, het CBb is de eindrechter in deze zaak.

Bron: CBb

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Jaarrekening

  202
Gerelateerde artikelen