Op 13 oktober 2026 Is nummer 44 van Vakstudie Nieuws verschenen. In deze aflevering zijn de volgende belangrijke zaken opgenomen:
- A-G Pauwels: Bijzondere invaliditeitsverhoging van oud-militair is belast
A-G Pauwels is van mening dat de bijzondere invaliditeitsverhoging (BIV) publiekrechtelijk van aard is en dat de uitkering door de periodieke vorm in de IB-sfeer belast is. (punt 6) - Kosten in verband met afkoop voorwaardelijke rechten op aandelen aftrekbaar
De Hoge Raad oordeelt dat X BV een voorziening ten laste van haar winst kon vormen voor de cashbonus. Het oordeel van het hof dat nimmer sprake is geweest van een toekenning van (optierechten op) aandelen in de zin van art. 10 lid 1 onderdeel j Wet VPB 1969 is juist. (punt 8) - Geen vervallen inhaalverplichting Amerikaanse verliezen zonder stakingsverlies
Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de objectvrijstelling niet van toepassing is op de in het jaar 2021 door X NV behaalde winst met de vaste inrichting in de VS. Volgens de rechtbank volgt uit de overgangsregeling van art. 33b Wet VPB 1969 dat voor het vervallen van de inhaalverplichting een stakingsverlies als bedoeld in art. 15i lid 2 Wet VPB 1969 is vereist. (punt 9) - Bij “inhoudelijke gebreken” in de aangifte geldt omkering en verzwaring bewijslast voor gehele aanslag
De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat X BV vanwege een "inhoudelijk gebrek" in de aangifte niet de vereiste aangifte heeft gedaan en daaraan terecht de conclusie heeft verbonden dat omkering en verzwaring van de bewijslast van toepassing is voor de gehele aanslag. (punt 15) - Naheffingsaanslag overdrachtsbelasting opgelegd aan verkeerde rechtspersoon: aanslag terecht vernietigd (art. 20 AWR en art. 4 Wet BRV 1970)
De Hoge Raad oordeelt dat de inspecteur na een juridische fusie en een zuivere splitsing niet de keuze heeft op naam van welke betrokken rechtspersoon hij een belastingaanslag stelt. Dat een rechtspersoon is opgehouden te bestaan door een zuivere splitsing is dus niet van belang. (punt 20) - Indirecte differentiatie van OZB-tarieven via teruggaafregeling niet toegestaan
De Hoge Raad oordeelt dat bij de beoordeling of gemeentelijke OZB-tarieven in strijd zijn met de Gemeentewet niet alleen naar de tarieven in de verordening moet worden gekeken, maar ook naar teruggaafregelingen die de hoogte van het tarief indirect beïnvloeden. (punt 21)
Producten: Inhoudsopgave V-N
21