Rechtbank Gelderland oordeelt dat de heer X de auto zes werkdagen na de BPM-aangifte in ongewijzigde staat had moeten laten. Door dit niet te doen, draagt hij het bewijsrisico van het feit dat de inspecteur de schade niet meer kan controleren.

De heer X doet BPM-aangifte voor een Volkswagen Tiguan 1.4 TSI met schade. Volgens het taxatierapport zou aftrek van de volledige herstelkosten neerkomen op een negatieve waarde, zodat de handelsinkoopwaarde is bepaald op € 1000. Twee dagen na de aangifte is de auto getoond bij Domeinen. Op dat moment wordt geen schade aangetroffen. In geschil is de naheffingsaanslag van € 3011. Volgens X is de auto voor de aangifte hersteld, omdat de auto anders vanwege essentiële gebreken de WOK-status zou krijgen.

Rechtbank Gelderland oordeelt dat X de auto zes werkdagen na de aangifte in ongewijzigde staat had moeten laten. Door dit niet te doen, draagt X het bewijsrisico van het feit dat de inspecteur de schade niet meer kan controleren. Er kan slechts rekening worden gehouden met herstel van de niet-essentiële gebreken. Een auto met essentiële gebreken - zoals in casu aan de stuurinrichting, wielophanging en aandrijving - kan namelijk niet worden geregistreerd. De waarde op het moment van de aangifte is dus beslissend. Op basis van foto’s is schade aan de bumper, motorkap en een rijwielkast aannemelijk gemaakt. De waardevermindering wordt in goede justitie bepaald op € 2000 en de naheffing wordt verlaagd tot € 2603.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Uitvoeringsregeling belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 8

Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 10

Instantie: Rechtbank Gelderland

Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen

Editie: 26 maart

Informatiesoort: VN Vandaag

  288
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen