Met een nota van wijziging op het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar) is het verduidelijkingsonderdeel van dit wetsvoorstel komen te vervallen. Minister Aartsen van Werk en Participatie heeft daartoe de nota van wijziging bij de Tweede Kamer ingediend.

Met de wijziging bestaat het wetsvoorstel nog enkel uit het onderdeel rechtsvermoeden.

Het eerder voorgestelde onderdeel verduidelijking van de beoordeling van het “werken in dienst van” vervalt. Het kabinet geeft hiermee gehoor aan de verzoeken uit de politiek en de maatschappij om snel voortgang te maken met het introduceren van het rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst. Terwijl tegelijkertijd de door het onderdeel verduidelijking ervaren onrust, wordt weggenomen. Het schrappen van het verduidelijkingsdeel leidt tot wijziging van de uitvoeringskosten.

Het kabinet blijft via de uitwerking van een Zelfstandigenwet verder werken aan meer duidelijkheid voor werkenden over de beoordeling van de arbeidsrelatie. Het kabinet gaat het initiatiefwetsvoorstel ‘Zelfstandigenwet’ verder uitwerken en hiervoor zo snel als mogelijk een afzonderlijk wetsvoorstel bij de Tweede Kamer indienen.

De minister verzoekt de Kamer de behandeling van het onderdeel rechtsvermoeden op korte termijn voort te zetten. In dat kader wordt op korte termijn ook de nota naar aanleiding van het verslag aan de Kamer gestuurd.

Wetingang:

Burgerlijk Wetboek Boek 7

Burgerlijk Wetboek Boek 7

[Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron]

Rubriek: Inkomstenbelasting, Loonbelasting

Regelgevende instantie: Staten-Generaal

Editie: 9 maart

Informatiesoort: VN Vandaag

17

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen