Is een ‘tax governance code’ voor het bedrijfsleven en voor belastingadviseurs wenselijk en mag je een dergelijke fiscale gedragscode ook verlangen van de Belastingdienst? Dit zijn lastig te beantwoorden vragen, vindt Anna Gunn. “Er is geen eenduidige visie en dat maakt de discussie over het nut van zo’n code voor ethisch verantwoorde belastingbetaling diffuus.”

Een eerste stap

Vlak voor het kerstreces verscheen vanuit het Ministerie van Financiën de essaybundel ‘Tax governance, maatschappelijke verantwoordelijkheid en ethiek. Tijd voor een code?’ Deze bundel, ontstaan onder leiding van professor Hans Gribnau, is het voorlopige resultaat van wat begon als een oproep van toenmalig staatssecretaris van Financiën Menno Snel in zijn Fiscale beleidsagenda 2019. Daarin gaf hij aan dat wetgeving alleen niet de oplossing is om belastingontwijking te voorkomen. Bedrijven en belastingadviseurs spelen hierin een essentiële rol. Gezien hun maatschappelijke verantwoordelijkheid zou het volgens Snel dan ook wenselijk zijn als het bedrijfsleven en de belastingadviessector gezamenlijk een ‘tax governance code’ ontwikkelen.

Verschillende relevante partijen, zoals het bedrijfsleven, beroepsverenigingen als de NOB en het RB, ngo’s en de wetenschap hebben hun ideeën over een dergelijke code op papier gezet. Ook specialist belastingethiek Anna Gunn, verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en de Universiteit Leiden, partner bij Gunn Tax Communication B.V. en hoofdredacteur bij Artikel104.nl, heeft samen met haar broer Thom Gunn een bijdrage geleverd aan de essaybundel. Een Nederlandse tax governance code kan volgens hen meerwaarde hebben, maar er is ook reden om kritisch te blijven. “De meerwaarde hangt af van het doel, de inhoud en de ondertekenaars van een dergelijke code. Al deze punten zijn vooralsnog onduidelijk,” aldus Anna Gunn.

Geen middel tegen belastingontwijking

Samengevat en vrij vertaald is een ‘tax governance code’ een fiscale gedragscode voor bedrijven en belastingadviseurs om belastingontwijking tegen te gaan en voor het herstellen van het maatschappelijke vertrouwen dat ook het grote bedrijfsleven zijn ‘fair share’ aan belasting betaalt.

In het voorwoord van de essaybundel schrijft huidig staatssecretaris van Financiën Hans Vijlbrief dat je verschillend kunt denken over wat precies een ‘tax governance code’ is. De staatssecretaris legt de vinger op de zere plek, geeft Gunn aan. “Het is niet duidelijk welke kant het ministerie van Financiën op wil met deze fiscale gedragscode en dus ook niet welk probleem we moeten oplossen. Het is allemaal weinig tastbaar, zeker als je van de visie uitgaat dat het een soort afspraak of belofte is van bedrijven en belastingadviseurs om zich te distantiëren van belastingontwijking. Een fiscale gedragscode is per definitie ‘soft-law’. Daarmee kun je het niet-ontwijken van belasting dus niet afdwingen.”

“Bovendien is belastingontwijking niet gedefinieerd,” vervolgt Gunn. “Het is een nogal rekbaar begrip. Waar ligt de grens tussen slim gebruik van geboden fiscale faciliteiten en ethisch discutabele maar legale belastingontwijking? Als die grens al niet duidelijk is, zet een plechtige belofte om ’geen belasting te ontwijken’ weinig zoden aan de dijk. De afspraken in een code moeten veel concreter zijn.”

Maatschappelijke verantwoordelijkheid

Met de oproep om een ‘tax governance code te ontwikkelen deed voormalig staatssecretaris Snel een appel op de fiscale maatschappelijke verantwoordelijkheid van bedrijven en belastingadvieskantoren. In de essaybundel vragen verschillende partijen zich af of een dergelijke code voor ‘good governance’ ook niet zou moeten gelden voor de Belastingdienst. Te strikte wet- en regelgeving, al dan niet opgetuigd onder politieke druk vanuit de Tweede Kamer, die vervolgens sec naar de letter van de wet wordt uitgevoerd door de Belastingdienst, zonder enige vorm van menselijke maat, laat zich lastig rijmen met fiscaal goed bestuur.

Moet de Belastingdienst deelnemen aan de ‘tax governance code’? Gunn is sceptisch. “Iedereen ziet dat stevige hervormingen bij de Belastingdienst momenteel nodig zijn. Maar daar gaat deze ‘tax governance code’ niet over. Een aanval op de rechtsstaat, zoals met de toeslagenaffaire, lossen we niet op met een vrijwillige code. Daar is zwaarder geschut voor nodig.”

Herwinnen van vertrouwen

De ‘tax governance code’ voor bedrijven en belastingadviseurs moet op een concrete wijze een maatschappelijke behoefte vervullen. Dat is de visie die Gunn samen met haar broer uitdraagt in de essaybundel. “Wij zien de ‘tax governance code’ vooral als een manifest ondertekend en nageleefd door het bedrijfsleven en de belastingadviessector om het vertrouwen van publiek en politiek in de belastingmoraal van de grote bedrijven te herwinnen.”

Geen vrijblijvendheid

In de ogen van staatssecretaris Vijlbrief hoort de code twee elementen te bevatten: transparantie over hoe, waar en hoeveel belasting er wordt betaald en gedragsregels voor bedrijven en belastingadviseurs om te handelen in de geest van de wet. Voor Gunn staat publiek vertrouwen bovenaan met harde afspraken die veel verder gaan dan enkel transparantie en die goed worden gemonitord en nageleefd. “Je kunt veel bereiken met een ‘tax governance code’ maar ondanks de vrijwillige basis moet de inhoud stevig zijn. Pas dan heeft een fiscale gedragscode om het vertrouwen te herwinnen een reële kans van slagen. Je kunt niet volstaan met het ondertekenen van een manifest waarin staat dat je voortaan als bedrijf transparant bent. Die transparantie zul je dan ook echt moeten laten zien. Anders zal de ‘tax governance code’ in de publieke en politieke opinie niet meer zijn dan een wassen neus. Dit kan het publieke vertrouwen zelfs beschadigen.”

Vervolgstap

Na het lezen van de essaybundel is volgens staatssecretaris Vijlbrief maar één conclusie mogelijk en dat is dat het gesprek over ‘tax governance’ en de invulling hiervan een vervolg dient te krijgen. Daarom organiseert hij nog deze winter een webinar. Anna Gunn is dan één van de sprekers. Of de ‘tax governance code’ ooit het daglicht zal zien, daar is ze nog niet van overtuigd. “Alles valt of staat met een eenduidige visie, een heldere vormgeving en de bereidwilligheid van verschillende partijen om daadwerkelijk handen, voeten én tanden te geven aan deze fiscale gedragscode.”

Bron: Redacteur Marit Muller

Informatiesoort: Nieuws, Interviews

Carrousel: Carrousel

Rubriek: Belastingrecht algemeen

Focus: Focus

  1248
Gerelateerde artikelen