De Tweede Kamer wil eerst ‘een redelijk en handhaafbaar alternatief voor de Wet DBA'. De Belastingdienst zal dus niet op 1 oktober beginnen met de handhaving op schijnzelfstandigheid. Dat blijkt uit de reactie van staatssecretaris Vijlbrief op de motie van Pieter Grinwis (ChristenUnie) in het 'tweeminutendebat' van vorige week.

De Wet DBA verving in 2016 de Verklaring Arbeidsrelatie maar heeft sindsdien veel kritiek ondergaan van de Tweede Kamer, werkgevers en zzp-organisaties. De wet had als bedoeling duidelijkheid te scheppen over de vraag wanneer sprake is van een dienstbetrekking. In plaats van duidelijkheid leverde de wet juist veel onrust onder zzp'ers en opdrachtgevers op. Tot er een alternatief is voor de Wet DBA is handhaving grotendeels uitgesteld, het zogenoemde handhavingsmoratorium.

In de motie uit Grinwis zijn zorgen over de Wet DBA. Het uitstel van de handhaving op de wet zou op 1 oktober afgebouwd worden, maar ondertussen is nog veel onduidelijk over de regels rondom de kwalificatie van een dienstbetrekking. Het handhavingsmoratorium door de Belastingdienst zal om die reden opnieuw worden verlengd.

In het debat zegt Vijlbrief hierover:

"Het handhavingsmoratorium loopt niet af in oktober. Het loopt minimaal tot oktober en dan zullen we kijken wat we gaan doen. Ik hoop op dat moment samen met collega Koolmees van Sociale Zaken te beschikken over de uitkomsten van de zogenaamde ... hoe heet dat ding ook alweer? Ik begin echt moe te worden. De pilot met de webmodule".

De webmodule is een online tool waarmee opdrachtgevers kunnen bepalen of zij een zelfstandige mogen inhuren. Het ministerie begon in januari met een test. Die loopt tot september. Na deze pilotfase volgt een evaluatie, waarbij het ministerie ook kijkt naar mogelijkheden voor handhaving, misbruikrisico’s en de gevolgen voor de uitvoeringsinstanties. De handhaving van schijnconstructies wordt na de evaluatie pas opgebouwd.

De Belastingdienst treedt nu alleen op bij kwaadwillendheid of als een opdrachtgever niet binnen een redelijke termijn aanwijzingen opvolgt. Kwaadwillendheid wil zeggen dat een opdrachtgever opzettelijk een situatie van evidente schijnzelfstandigheid laat ontstaan of laat voortbestaan, omdat hij weet – of had kunnen weten - dat er feitelijk sprake is van een dienstbetrekking. De Belastingdienst kan bij kwaadwillendheid correctieverplichtingen of naheffingsaanslagen opleggen. Er zijn overigens nog geen kwaadwillende bedrijven ontdekt.

Alternatief

Begin vorig jaar publiceerde de commissie Borstlap een onderzoek naar de huidige (fiscale) regels rond de arbeidsmarkt maar dat leverde nog geen concrete en werkbare voorstellen op tot een redelijk en handhaafbaar alternatief voor de Wet DBA. Eind 2020 liet minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan de Tweede Kamer weten dat hij de hervormingen op de arbeidsmarkt en de uitwerking van de Borstlap-aanbevelingen doorschuift naar zijn opvolger.

Een groot probleem voor een volgend kabinet is ook de grote werkdruk bij de uitvoeringsorganisaties UWV en de Belastingdienst. Die kampen al tijden met operationele problemen en voeren nu ook nog de coronasteunpakketten van het kabinet uit.

Bron: Tweede kamer

Rubriek: Loonbelasting, Arbeidsrecht, Premieheffing

Informatiesoort: Nieuws

Carrousel: Carrousel

Focus: Focus

  1622
Gerelateerde artikelen