Het Belastingplan 2027 is ten opzichte van eerdere edities qua aantal inhoudelijke voorstellen van relatief beperkte omvang.
Desondanks was het niet eerder dermate onzeker of het Belastingplan door beide Kamers aangenomen zou worden. Afgelopen week begon de mondelinge behandeling van de fiscale plannen voor komend jaar in de Tweede Kamer. Tijdens de eerste termijn van het wetgevingsoverleg over het Belastingplan 2027 werd nogmaals duidelijk hoe weinig draagvlak de fiscale plannen voor komend jaar hebben. Alle partijen – inclusief de coalitiepartijen – willen liever een andere invulling. Het is de vraag tot welke amendementen en moties al deze wensen leiden.
Parallel aan de inhoudelijke behandeling van de fiscale wetgeving wordt er onderhandeld over de benodigde politieke steun voor het Belastingplan – en de begrotingen – voor komend jaar. Daarbij hanteren de oppositiepartijen verschillende strategieën. De BBB probeert haar zetels in de Eerste Kamer te benutten om wijzigingen in het stikstofbeleid af te dwingen – in ruil voor steun voor de fiscale plannen van het kabinet. PRO en Volt werken samen om een aantal wijzigingen – vooral ten aanzien van box 1 en de sociale zekerheid – te realiseren. Kleinere partijen – en met name Grinwis (CU) – verkennen welke ruimte deze politieke onderhandelingen overlaten voor inhoudelijke aanpassingen.
Lastenverzwaring
De belangrijkste onderwerpen tijdens het wetgevingsoverleg waren: de koopkracht; de verdeling in de belastingmix tussen arbeid en vermogen; de fiscale maatregelen ten aanzien van mobiliteit, inclusief de impact hiervan op het klimaat; en de vereenvoudiging van het belastingstelsel – inclusief fiscale regelingen. Koopkracht is een terugkerend en overkoepelend thema, waarbij de oppositiepartijen het kabinet en de coalitiepartijen steevast verwijten het leven (veel) duurder te maken. De coalitiepartijen gaven daarop aan dat een deel van deze lastenverzwaring technisch is en voortvloeit uit het beleid van het vorige kabinet. Het Belastingplan brengt in hun ogen echt een (beperkte) verbetering.
De oppositiepartijen herhaalden hun kritiek dat de ‘vrijheidsbijdrage’ – de lastenverhoging om de benodigde investeringen in defensie en infrastructuur te bekostigen – alleen betaald wordt door de werkenden. Stultiens (PRO) is daarbij zeer kritisch op het plan om een tijdelijke korting in box 2 te geven, als dekkingsvoorstel voor de plannen in box 3. Daarbij wijst hij erop dat deze korting niet in het coalitieakkoord staat en vooral een cadeautje is aan de ‘allerrijksten’. Ook Grinwis (CU), Dassen (Volt) en Beckerman (SP) benadrukten dat het kabinet arbeid te zwaar belast ten opzichte van vermogen. In mindere mate maken Oosterhuis (D66) en Van Dijk (CDA) zich hier ook zorgen over.
Mobiliteit
Een ander groot onderwerp tijdens het debat waren de fiscale maatregelen gericht op mobiliteit. In de ogen van de ‘rechtse’ oppositie – JA21, PVV, BBB en FvD – moet het kabinet meer doen aan de oplopende kosten voor vervoer. Ondanks dat deze extra kosten voortvloeien uit geopolitieke ontwikkelingen, willen deze partijen fiscale maatregelen om de impact te beperken. Daarbij gaat de meeste aandacht uit naar de accijns op (fossiele) brandstof, de pseudo-eindheffing en de vliegbelasting. Tegelijkertijd benadrukten Stultiens (PRO) en Dassen (Volt) dat het kabinet niet genoeg doet om de klimaatdoelstellingen te halen en méér fiscaal klimaatbeleid nodig is – niet minder.
Ten slotte was er veel aandacht voor de vereenvoudiging van het belastingstelsel en de fiscale regelingen. Stultiens (PRO) benadrukte daarbij dat het opvallend is dat het kabinet alleen de kleine ondoelmatige fiscale regelingen – zoals de bosbouwvrijstelling en de accijnskorting kleine brouwerijen – aanpakt, maar de grotere niet meeneemt. Oosterhuis (D66) riep het kabinet op om veel ambitieuzer te zijn ten aanzien van het afschaffen van ondoelmatige fiscale regelingen en noemde de hypotheekrenteaftrek en de landbouwvrijstelling als voorbeelden. Van Eijk (VVD) en Van Dijk (CDA) willen ondoelmatige fiscale instrumenten aanpakken om ondernemingsregelingen te verbeteren. Het debat wordt op 26 oktober voortgezet, met de beantwoording door het kabinet.
Informatiesoort: Parlementair
Rubriek: Belastingrecht algemeen