U kunt me bijna wakker maken voor een mooi historisch verhaal. Bijna, want aan het verleden kun je niet veel veranderen, toch? 

In deze hectische tijd dringt de vraag zich bijna op, wat je er überhaupt aan hebt om terug te kijken in de tijd. Of is het niet toch verstandig om af en toe een goed historisch boek te lezen? Deze boeken bestaan, ook over het vak van rechter. En over het vak van wetgever of bestuurder. Ik mag naar waarheid zeggen dat ik het boek van Montesquieu heb gelezen. Het staat zelfs bij mij thuis. Ik laat even in het midden wat Montesquieu precies bedoelde met zijn stelling dat de rechter de mond van de wet is.

Ik maak gebruik van mijn recht als columnist om de zaak op scherp te zetten, dus ik vat de stelling zo op dat de rechter enkel vertelt wat in de wet staat. Niks eigen opvattingen over de menselijke maat, redelijkheid, billijkheid en andere vage bedenksels van latere generaties juristen. Het is aan de wetgever om vooruit te denken en zich rekenschap te geven van mogelijke hardheden, scherpe kantjes en onuitvoerbaarheid aan de zijde van de burger en de uitvoerende instantie, maar ook van mogelijkheden van misbruik en fraude. Voorwaar geen sinecure, maar wetgeven is een vak.

De laatste tijd is de pendule van de tijd naar de andere kant uitgeslagen. De rechter kan bijna, een andere historische figuur parafraserend, zeggen "la loi, c’est moi." Hem wordt gevraagd de Staat te houden aan internationale wetgeving, waarmee de wetgever heeft ingestemd. Hem wordt gevraagd beleid van de uitvoerende macht opzij te zetten, als dit knelt of onredelijk uitpakt. Hem wordt gevraagd in elk individueel geval maatwerk te leveren met de menselijke maat (wie weet wat dit is, mag het zeggen) als maatstaf. Het aantal rechtszaken neemt elk jaar toe en de rechter wordt hierbij uitgedaagd de grenzen van zijn bevoegdheden te verkennen.

Deze ontwikkeling bekijk ik met bezorgdheid. Nederland is geen dikastocratie en moet dit ook niet worden. Waar rechtstreeks werkend internationaal recht of Unierecht van toepassing is (zie Urgenda en vele andere milieuzaken), is de rechter gehouden de nationale regelgeving en maatregelen kritisch te beoordelen en te toetsen. De internationale rechtsorde respectievelijk de autonome rechtsorde van de EU eist dit. De rechter is echter geen democratisch gekozen volksvertegenwoordiger en kan geen algemeen geldende regels voorschrijven, de bestaande regels negeren of iets anders lezen dan wat in de wet staat. De rechter moet niet toegeven aan de druk, maar zijn rug recht houden en "nee" zeggen, wanneer hij wordt overvraagd.

Ik heb de indruk dat er tegenwoordig 16 miljoen wetgevers rondlopen – die allemaal iets anders willen – en dat de enige echte dragers van de bevoegdheid heel veel moeite doen om het die 16 miljoen individuen naar de zin te maken. Onbegonnen werk. Zo is het ook gekomen dat iedere belastingplichtige in Nederland zijn eigen tarief heeft. Dit is niet regeren, dit is reageren. Er moeten regels zijn, maar wel uit de juiste bron. Maak deze (fiscale) regels simpel en robuust. Op deze manier kan de burger ook begrijpen wat van hem wordt verwacht, neemt de druk op de belastingrechter af en krijgt de Belastingdienst de kans het verloren vertrouwen te herwinnen.

Informatiesoort: Uitvergroot

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

  576
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen
MUST READ, COLUMNS