Hybride entiteiten die voor Nederlandse fiscale doeleinden als transparant worden beschouwd en voor Amerikaanse fiscale doeleinden als niet-transparant, kunnen per 1 januari 2020 geen gebruik meer maken van de goedkeuring uit het CV/BV-besluit (V-N 2005/35.8).

Dit besluit wordt namelijk per 1 januari 2020 ingetrokken. Dit heeft de Staatssecretaris van Financiën bekendgemaakt. Indien in een vaststellingsovereenkomst ook zekerheid vooraf is gegeven op andere fiscale aspecten, naast het achterwege blijven van art. 24 lid 4 belastingverdrag NL-VS, blijft de materiële werking van de vaststellingsoverkomst voor die andere aspecten in stand.

Een op basis van art. 2 van de Nederlandse uitvoeringsvoorschriften belastingverdrag Nederland-VS - in samenhang met het besluit van 6 juli 2005 - afgegeven beschikking om ontslagen te worden van de verplichting tot inhouding van dividendbelasting ingevolge art. 10 van dit belastingverdrag, verliest eveneens haar belang per 1 januari 2020.

Verder meldt de bewindsman dat het besluit van 19 maart 1997, IFZ97/204M, V-N 1997/1456,7 zal worden heroverwogen. Dit besluit gaat over verdragstoepassing bij kwalificatieverschil van een buitenlandse entiteit tussen Nederland en een ander land.

[Nieuwsbron]

Rubriek: Bronbelasting, Europees belastingrecht, Dividendbelasting, Internationaal belastingrecht

Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën

Editie: 17 december

Informatiesoort: VN Vandaag

  732
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen