In een brief aan de Tweede Kamer gaat staatssecretaris Van Rij in op de tijdens het debat over het kerstarrest van de Hoge Raad over de box 3-heffing gedane toezegging aan het lid Idsinga over een tegenbewijsregeling en de gedane toezegging aan het lid Maatoug over de belasting op kapitaalinkomen in andere landen. Ook gaat hij in op de te nemen besluiten voor rechtsherstel en op het tijdens het debat aan bod gekomen IBO Vermogensverdeling.

Ook gaat hij in op de te nemen besluiten voor rechtsherstel en op het tijdens het debat aan bod gekomen IBO Vermogensverdeling.

Het juridisch advies over de mogelijkheid van een (tijdelijke) tegenbewijsregeling voor belastingplichtigen met vooral of uitsluitend spaargeld is op 21 juni 2021 aan de Kamer verstrekt (V-N Vandaag 2021/1477). Op basis van dit advies is de conclusie dat het juridisch niet mogelijk en maatschappelijk onwenselijk is om een tegenbewijsregeling in box 3 te introduceren voor een afgebakende groep belastingplichtigen met vooral of uitsluitend spaargeld. Verder is een tegenbewijsregeling in het kader van de hersteloperatie na het kerstarrest onuitvoerbaar voor de Belastingdienst, omdat dit vraagt om een individuele beoordeling per dossier van ruim twee miljoen belastingplichtigen met box-vermogen.

Voor een internationale vergelijking van de lasten op kapitaalinkomsten heeft de staatssecretaris twee figuren verstrekt, de belasting op inkomen uit vermogen als percentage van de totale belastingopbrengsten en de belasting op omvang vermogen als percentage van de totale belastingopbrengsten. De planning van het Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) Vermogensverdeling is aangepast. Het onderzoek wordt nu uiterlijk in de zomer van 2022 opgeleverd.

Het proces voor rechtsherstel is als volgt: uiterlijk 1 april 2022 ontvangt de Kamer een richtingennotitie over de hersteloperatie, hierna volgt een debat, waarna het kabinet de uitkomsten meeneemt in de besluitvorming. Er kunnen nog geen definitieve uitspraken worden gedaan over het verdere proces en de planning van rechtsherstel.

De staatssecretaris wijst erop dat het mogelijk is dat niet wordt voldaan aan de wettelijke plicht om uiterlijk 4 augustus 2022 rechtsherstel te bieden aan belastingplichtigen die zijn aangesloten bij de massaal bezwaarprocedure over de jaren 2017 en 2018.

Lees ook het thema Box 3.

[Nieuwsbron]

Editie: 2 maart

Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën

Rubriek: Inkomstenbelasting

Informatiesoort: VN Vandaag

Carrousel: Carrousel

Focus: Focus

  1900
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen