In vier gelijke zaken concludeert advocaat-generaal Niessen dat belanghebbenden geen recht hebben op lijfrenteaftrek omdat ze de premie feitelijk schuldig zijn gebleven. Niessen adviseert de Hoge Raad de cassatieberoepen te verwerpen.

Het gaat om de conclusies van 22 oktober 2020 met de nummers 20/01619, 20/01621, 20/01622 en 16/01623. De zaak verloopt als volgt. Vier ondernemers richten elk een eigen bv op. Ze brengen ieder hun onderneming in de bv in. Daarbij wordt een lijfrente bedongen voor de stakingswinst en de fiscale oudedagsreserve (FOR).

Om de lijfrentepremie te betalen lenen ze geld bij de bank. Na de betaling van de lijfrentepremie lenen de bv's hetzelfde bedrag weer terug, waarna de leningen bij de bank worden afgelost. Hof Amsterdam heeft geoordeeld dat door dit kasrondje de premie feitelijk schuldig is gebleven (zie ook het bericht Lijfrente bij de eigen bv). Het is dan niet mogelijk de premie af te trekken.

Advocaat-Generaal Niessen is het eens met het hof en adviseert de Hoge Raad de cassatieberoepen te verwerpen.

Belang voor de praktijk

Op grond van art. 3.130 lid 1 Wet IB 2001 bestaat er slechts recht op aftrek indien de premies zijn betaald of verrekend, voor zover de verrekening niet leidt tot een schuldig gebleven bedrag. Nu het hof heeft geoordeeld dat de premie feitelijk schuldig is gebleven – er wordt dus door het kasrondje heen gekeken – kan er ook geen aftrek plaatsvinden.

Het is nu aan de Hoge Raad om aan te geven of hij ook vindt dat er door het kasrondje heen gekeken moet worden. Wij verwachten dat de Hoge Raad de conclusie van de advocaat-generaal zal volgen.

Mag je dan niet lenen voor de betaling van een lijfrentestorting? Zo ver gaat het nu ook weer niet. Lenen mag. Het punt is dat de leningen bij de bank in deze zaken vrijwel direct na de totstandkoming weer zijn afgelost. Wat resteert is een lening aan de bv, niet heel toevallig ook de lijfrente-uitvoerder. Met andere woorden, de bv heeft een lening verstrekt tot het bedrag van de lijfrentestorting.

Lees ook het thema Lijfrenten.

Bron: Fiscaal Juridisch Adviesbureau Nationale Nederlanden

Rubriek: Inkomstenbelasting, Pensioenen

Informatiesoort: Nieuws

  343
Gerelateerde artikelen