X heeft in haar aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekering een aftrek geclaimd voor de posten (i) reisaftrek voor openbaar vervoer, (ii) betaalde verzekeringspremies voor inkomensvoorzieningen, (iii) betaalde alimentatie als onderhoudsverplichtingen en (iv) specifieke zorgkosten. De inspecteur is bij het opleggen van de aanslag op deze punten afgeweken van de aangifte. X komt – na een afwijzende uitspraak op bezwaar – hiertegen in beroep.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaart het beroep ongegrond. Met betrekking tot de vier genoemde posten heeft X geen stukken overgelegd waarmee zij aannemelijk maakt dat zij recht heeft op meer aftrek dan de inspecteur heeft verleend. Hoewel X in haar beroepschrift aangeeft dat de inspecteur bij het verzoek om bewijsstukken geen rekening hield met het feit dat zij maanden ziek was, oordeelt de rechtbank dat zij ruim voldoende gelegenheid heeft gehad om bewijsstukken te verstrekken. De inspecteur heeft immers meermaals uitstel verleend voor het aanleveren van stukken.
Wetsartikelen:
Wet inkomstenbelasting 2001 3.124
Wet inkomstenbelasting 2001 3.87
Wet inkomstenbelasting 2001 6.17
Wet inkomstenbelasting 2001 6.3
Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rubriek: Inkomstenbelasting
Editie: 18 oktober
Informatiesoort: VN Vandaag