Op 30 juni 2026 is nummer 30 van Vakstudie Nieuws verschenen. In deze aflevering zijn de volgende belangrijke zaken opgenomen:
- Geen recht op teruggaaf box 3-heffing 2017-2020 in proefprocedure massaal bezwaar plus
De Hoge Raad oordeelt dat X, een ‘niet-bezwaarmaker’, geen recht heeft op teruggaaf van de box 3-heffing over de jaren 2017 - 2020 naar aanleiding van het Kerst-arrest. Er is ook geen reden om terug te komen op het arrest van 20 mei 2022, waarin is beslist dat het Kerst-arrest nieuwe jurisprudentie vormt. (punt 3) - Opties aanpassing wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 in kaart gebracht
De Staatssecretaris van Financiën heeft een aantal opties in kaart gebracht om het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 aan te passen. Hij informeert de Tweede Kamer over deze opties en de budgettaire gevolgen ervan. (punt 4) - Duits pensioen slechts belastbaar voor zover premies zijn afgetrokken
De Hoge Raad oordeelt dat het Duitse pensioen niet volledig is belast in Nederland. Het hof heeft terecht slechts rekening gehouden met een belastbaarheid van 45% van de uitkeringen, aansluitend bij de in het verleden afgetrokken premies. (punt 6) - Portugese IMT valt niet binnen werkingssfeer Richtlijn (EG) 2008/7 (art. 4 Wet BRV 1970)
Het Hof van Justitie oordeelt dat de Richtlijn (EG) 2008/7 zich verzet tegen de heffing van een overdrachtsbelasting, zoals de Portugese IMT, over een aandelenruil waarbij de grondslag wordt bepaald aan de hand van de fiscale referentiewaarde van die onroerende zaken dan wel de boekwaarde. (punt 11) - BTW-vrijstelling FE OB alleen van toepassing op dienst verricht voor lid dat zelf voldoet aan alle voorwaarden
Het Gerecht oordeelt dat fiscale eenheid Stichting X c.s. (Cavert) zich alleen op de vrijstellingen van art. 132 lid 1 onderdeel b of onderdeel g BTW-richtlijn kan beroepen wanneer de betrokken diensten jegens derden worden verricht door een lid van die groep dat zelf voldoet aan alle toepassingsvoorwaarden voor deze vrijstellingen. (punt 12) - Financieel belang van € 132 gezien overgangsrecht te hoog voor matiging ISV
De Hoge Raad benadrukt dat onder het overgangsrecht een beperkt financieel belang van maximaal € 15 slechts aanleiding kan geven tot matiging van de immateriëleschadevergoeding. Met een belang van € 132 was er geen ruimte voor matiging. (punt 14)
Producten: Inhoudsopgave V-N
18