Rechtbank Zeeland-West-Brabant wijst de zaak terug naar de inspecteur omdat niet is komen vast te staan dat partijen het over de onderliggende feiten volledig eens zijn. X krijgt een proceskostenvergoeding van € 875 en een vergoeding van het griffierecht.

X is houder van een kampeerauto met geschorst kenteken. Desondanks is met een camera gebruik van de weg geconstateerd. In geschil is de MRB-naheffingsaanslag over 23 maart 2021 tot en met 22 maart 2022, alsmede de 100% verzuimboete van € 721. In de bezwaarfase nodigt de inspecteur X herhaaldelijk schriftelijk uit om telefonisch gehoord te worden. In reactie hierop stelt X de inspecteur uiteindelijk enkel in gebreke wegens het niet-tijdig beslissen. Na een nieuwe uitnodiging voor een telefonische hoorzitting stelt de gemachtigde dat de hoorzitting niet eerder kan plaatsvinden dan na het verstrijken van de tweewekentermijn van de ingebrekestelling. Vervolgens is op het bezwaar beslist zonder X te horen.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant wijst de zaak terug naar de inspecteur omdat niet is komen vast te staan dat partijen het over de onderliggende feiten volledig eens zijn. De inspecteur moet X, alvorens opnieuw uitspraak op het bezwaar te doen, deugdelijk in de gelegenheid stellen om te worden gehoord. X krijgt een proceskostenvergoeding van € 875 en een vergoeding van het griffierecht.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Algemene wet bestuursrecht 7:2

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 8 februari

Informatiesoort: VN Vandaag

660

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen