Europese regels zorgen dat anders niet-levensvatbare bedrijven geen subsidies, garanties of leningen krijgen. Dat voorkomt oneerlijke concurrentie met staatssteun, maar deze Onderneming in Moeilijkheden (OIM)-definitie pakt ook zéér nadelig uit voor de financiering van innovatieve start-ups en scale-ups. Groeibedrijven die juist wél kansrijk zijn, vallen er nu toch onder en lopen zo financiering mis. Op initiatief van minister Herbert van Economische Zaken en Klimaat stellen Nederland en 7 andere EU-landen (Duitsland, Letland, Luxemburg, Polen, Slowakije, Spanje, Tsjechië) voor om de OIM-definitie daarom te wijzigen.

EU-ministers verantwoordelijk voor economie spreken hierover tijdens de Raad voor Concurrentievermogen in Brussel op donderdag 28 mei 2026. De 8 landen hebben hiervoor een gezamenlijk non-paper gestuurd naar de Europese Commissie, dat op de agenda van deze Raad staat. Ook veel andere landen steunen individueel dit initiatief om tot een betere definitie te komen.

Groeibedrijven hebben vaak een andere verhouding tussen het geplaatste aandelenkapitaal en het eigen vermogen. In de huidige situatie kunnen bijvoorbeeld achtergestelde leningen en ander quasi-eigen vermogen niet worden meegeteld als volwaardig eigen vermogen. Daardoor vallen start-ups vaak onder de definitie, terwijl deze juist wel levensvatbaar zijn.

De 8 landen stellen daarom voor om deze vormen van eigen vermogen op te nemen in de definitie. En als alternatief om de uitzonderingsperiode voor groeibedrijven in het mkb op te rekken naar 15 jaar.

Bron: Rijksoverheid

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Subsidies

8

Gerelateerde artikelen