Op 29 september 2026 is nummer 41 van Vakstudie Nieuws verschenen. In deze aflevering zijn de volgende belangrijke zaken opgenomen:

  • Impliciet gezamenlijk verzoek en gevolgen van onjuiste toepassing doorschuifregeling aanmerkelijk belang
    Hof ’s‑Hertogenbosch oordeelt dat de aangifte IB/PVV 2011 van erflaatster, waarin geen fictief vervreemdingsvoordeel uit aanmerkelijk belang is vermeld, geldt als gezamenlijk schriftelijk verzoek tot doorschuiving van de verkrijgingsprijs op grond van art. 4.17a Wet IB 2001. Toetsing aan de ondernemingseis blijft achterwege vanwege de onherroepelijke gevolgen van het verzoek. (punt 3)
  • Brief over toekomst box 3
    De Minister en de Staatssecretaris van Financiën hebben op Prinsjesdag een brief aan de Tweede Kamer gestuurd over de toekomst van box 3. Het kabinet heeft nog geen definitieve keuze gemaakt over de verdere vormgeving van box 3 en vraagt de Eerste Kamer de behandeling van het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 aan te houden. (punt 4)
  • KG-standpunt: wettelijke termijn bij in 2025 geëxpireerde lijfrente eindigt op 31 december 2026 
    De Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting bevestigt dat voor een lijfrente die bij leven in 2025 is geëxpireerd, de wettelijke termijn eindigt op 31 december 2026. Daarbij is de wettekst van toepassing zoals die gold op het moment van expiratie. (punt 5)
  • OESO-pakket bevordering toepassing Pijler 2: geactualiseerde GIR
    Het OESO/G20 Inclusive Framework heeft een pakket maatregelen gepresenteerd om de uniforme toepassing van de wereldwijde minimumbelasting of Pijler 2 verder te bevorderen en rechtszekerheid bij multinationals vergroten. Het pakket bevat onder andere een actualisatie van de GloBE Information Return (GIR) (bijheffing‑ informatieaangifte (BIA)) (punt 7)
  • Bij Letse driehoekstransactie niet automatisch sprake van BTW-vrijstelling
    Het Gerecht oordeelt dat de omstandigheden waaronder de aardolieproducten via de tussenhandelaren aan de uiteindelijke afnemers zijn geleverd niet betekenen dat de levering aan de tussenhandelaren in Letland is vrijgesteld van BTW. (punt 12)
  • Gemitigeerde verzendtheorie geldt niet voor verzoek ambtshalve vermindering
    Hof ’s‑Hertogenbosch oordeelt dat het verzoek om ambtshalve vermindering te laat is ontvangen. Het hof verwerpt het beroep van X op de gemitigeerde verzendtheorie voor bezwaar‑ en beroepschriften. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk, omdat het duidelijk niet kan slagen (art. 80a lid 1 Wet RO). (punt 16)

Producten: Inhoudsopgave V-N

2